Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

West-Vlaamse bouwkmo’s willen vooral werkvolume aanhouden

West-Vlaamse bouwkmo’s willen vooral werkvolume aanhouden

De Bouwunie-antenne West-Vlaanderen is in grote mate gegroeid uit sterke lokale sectorwerkingen. “Elke bouwprovincie heeft zijn typerende kenmerken. Specifiek voor West-Vlaanderen is dat o.m. de bouwactiviteit aan de kust. Deze ontwikkelt een eigen dynamiek en vormt, bij een gunstige conjunctuur, een katalysator voor de rest van de provincie”, aldus Vincent Decruyenaere, provinciaal secretaris van Bouwunie West-Vlaanderen.

“Al moet dit genuanceerd worden, want er zijn in onze kustregio uiteraard ook bouwbedrijven uit de andere provincies actief”, zegt Vincent Decruyenaere. “Kenmerkend voor onze provinciale werking is ook het feit dat we onder onze leden nogal wat grote bouwbedrijven - die vasthouden aan hun kmo-structuur – tellen. Onder hen zijn onder meer de industriebouwers goed vertegenwoordigd. De investeringsbereidheid in onze provincie staat momenteel zowel bij particulieren, bedrijven als overheden op een hoog peil. Nieuwe bouwmarkten zijn o.m. renovatie en zorg. Daar spelen we als federatie op in door samen met NAV West-Vlaanderen bouwplaatsbezoeken te organiseren, o.m. aan AZ Delta in Roeselare. De meeste van onze bouwkmo’s hebben een sterke familiale verankering en gaan vaak over van vader/moeder op dochter/zoon.”

Werkvolume is dé sterkhouder

De Bouwunie-bouwbarometer geldt als de conjunctuurindicator voor de Vlaamse kmo-bedrijven en zelfstandige ondernemers uit de ruime bouwsector. Het bouwbarometer-jaargemiddelde van 2017 lag beduidend hoger dan het gemiddelde van de vorige jaren. De economie trekt aan, ook in de bouwsector. En de verwachtingen voor 2018 zijn hoog gespannen. “Het werkvolume is dé sterkhouder van de jongste bouwbarometers. 2017 scoort met een gemiddelde van 100,5 duidelijk beter dan de voorgaande jaren. De bouwondernemers die de conjunctuur positief inschatten zijn opnieuw talrijker dan diegenen die zich daar pessimistisch over uitspreken” aldus Anja Larik, economisch adviseur Bouwunie. “31% van de ondervraagde West-Vlaamse bouwondernemers zijn erg tevreden over de algemene toestand van de economie. Over de toestand van het eigen bedrijf is 49% uitgesproken tevreden. Samenvattend kunnen we stellen dat acht op de tien ondervraagden 2017 evalueert als een positief jaar op economisch vlak voor zichzelf. De verwachtingen voor 2018 zijn optimistisch. 84% denkt dat dit jaar op economisch vlak eerder positief zal zijn.”

Jobs? Ja, maar…

De werkgelegenheid in de bouwsector profiteert mee van de economische heropleving. De spectaculaire daling van het aantal bouwvakarbeiders is inmiddels gestopt en gekeerd. Tussen 2011 en 2016 gingen in de West-Vlaamse bouwbedrijven 2.800 arbeidersjobs verloren. “De recente, lichte stijging van de werkgelegenheid in de bouw is verre van groot genoeg om dat enorme verlies te compenseren. Hun werk wordt nu uitgevoerd door goedkopere zelfstandigen en buitenlandse onderaannemers. Bij de ondervraagde West-Vlaamse bouwbedrijven is de tewerkstelling ongeveer gelijk gebleven. 16% werkte in het vierde kwartaal met minder personeel dan in het derde. Daar staat tegenover dat 15% verwacht binnenkort extra aan te werven”, aldus Anja Larik.

Technische scholen

West-Vlaanderen heeft een traditie van sterke technische scholen. Maar imagocampagnes en STEM-(Sustainability-Technology-Engineering-Mathematics)initiatieven slagen er vooralsnog niet in het bekende watervalsysteem – van aso over tso naar bso – te keren. Het secundair bouwonderwijs kampte de voorbije jaren in de kustprovincie met een sterke terugval, terwijl ook het hoger bouwonderwijs nog onvoldoende studenten aantrekt. “Het aantal leerlingen in het West-Vlaamse secundaire bouwonderwijs daalde aanzienlijk tijdens de jongste vijf schooljaren, en dit in zeer sterke mate in de ruwbouwopleidingen bso. In het schooljaar 2015-2016 waren nog amper 133 leerlingen in deze richting aan de slag. Ook in de tso-opleidingen voor bouw, vooral de richting Bouwtechnieken, liep het aantal leerlingen met de kleine helft terug. Het aantal leerlingen in de bso-opleidingen cv en sanitaire installaties ging eveneens in dalende lijn. Enkel in de bso-opleiding Houtbewerking bleef de terugval beperkt. De houtopleidingen trekken traditioneel nog altijd heel wat leerlingen aan, veel meer dan de opleidingen voor ruwbouw, decoratie- en installatietechnieken. Ook de traditioneel sterke West-Vlaamse technische scholen staan onder druk, en dit op een arbeidsmarkt die het sowieso al zeer moeilijk heeft”, aldus Jan Coussement, voorzitter van Bouwunie West-Vlaanderen.

“Samen met Constructiv West-Vlaanderen werken we hard om dit te keren. Er is regelmatig overleg met de beleidsmakers en de overheden. Zo organiseren we binnenkort – samen met Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits en een tiental aannemingsbedrijven – een overlegmoment om de dalende instroom in het bouwonderwijs een halt toe te roepen. Hierbij zullen o.m. duaal leren en werkplekleren hoog op de agenda staan.”

Kleinere woningen

Uit cijfers van Vlaams minister van Wonen Liesbeth Homans blijkt dat de gemiddelde bewoonbare oppervlakte in Vlaanderen al verschillende jaren in dalende lijn gaat. Zo bedroeg deze in het Vlaamse Gewest in 2005 nog 105 m², terwijl in 2016 tot 90,2 m² was teruggevallen. Vooral in centrumsteden ligt de gemiddelde bewoonbare oppervlakte met 81,1% erg laag. Enkele West-Vlaamse voorbeelden. In de periode 2005-2016 werden in Oostende de kleinste nieuwbouw woongelegenheden genoteerd, namelijk gemiddeld 76 m². In Kortrijk en Brugge zijn de bewoonbare oppervlaktes ruimer: resp. 113 en 107 m². (PDC)

Opleiding hout

Er zijn dus ook positieve signalen. Zo stelt men bv. in het VTI Roeselare vast dat het aantal nieuwe leerlingen in de richting houtbewerking toeneemt, terwijl de klassieke bouwopleidingen en de richting schilder een terugval kennen. Jan Coussement kadert een en ander: “Ook al is het een moeilijk momentum voor opleidingen in de bouw, toch zijn er op de verschillende onderwijsniveaus in onze provincie initiatieven om zo goed mogelijk te anticiperen, of in te spelen, op de noden in de lokale bouwwereld. Er is bv. een continue vraag naar goede projectleiders. Sinds enkele jaren loopt aan Vives Hogeschool Brugge-Oostende de opleiding professionele bachelor bouw, waardoor we meer lokale instroom van potentiële projectleiders kunnen genereren. Studenten die deze richting willen volgen, moeten niet langer naar Gent of naar Aalst. En aan Howest Kortrijk is er een opleiding ‘Toegepaste architectuur’ opgestart. Ook op secundair niveau is er nieuws: vanaf volgend schooljaar start het nieuwe Guldensporencollege op de campus Engineering (vroeger VTI Kortrijk) met het derde jaar Bouw- en houtkunde.”

Lage werkloosheid

De bouw in West-Vlaanderen kent een heel lage werkloosheid, zeker in de streek Roeselare-Waregem-Kortrijk. Zelfs personeel zoeken over de taalgrens of in Frankrijk brengt hier weinig verandering in. “Bedrijven worden zo als het ware verplicht met buitenlandse onderaannemers te werken om concurrentieel te blijven. We merken dat grensarbeiders er eerder voor opteren om in de grote, klassieke industriële bedrijven in de Zuid-West-Vlaamse regio aan de slag te gaan dan wel in de bouwsector”, aldus Decruyenaere.

14 oktober

Voor Bouwunie is de door de Vlaamse Bouwmeester aangekondigde betonstop effectief een stop van de inname van extra ruimte. Men wil vooral inzetten op inbreiding, in de bestaande gemeentekernen, zowel van steden als van dorpen. “De bouwsector ondersteunt de visie van de Bouwmeester in zoverre de ‘verloren’ bouwpercelen in het landelijke gebied gecompenseerd worden door meer, en hogere, hoogbouw in de kernen van steden en gemeenten. Het investeren in gebouwen en infrastructuur blijft – ook los van de gemeenteraadsverkiezingen – een delicaat punt. Bouwunie ijvert voor kortere doorlooptijden bij wegenis- en rioleringswerken. Het is voor alle betrokkenen beter dat de gemeenten hun investeringen spreiden over de volledige legislatuur van zes jaar. Bouwunie vraagt ook aandacht voor het kmo-vriendelijke karakter van gemeentelijke overheidsopdrachten. Even belangrijk als het correct verlopen van de gunningsprocedures is de keuze van de aanbestedingsprocedure om de inschrijver die de beste prijs voor de beste kwaliteit garandeert, te kunnen selecteren”, aldus Decruyenaere.

“In de strijd tegen sociale dumping kunnen ook steden en gemeenten initiatieven ontplooien door in grote overheidsopdrachtendossiers de verplichting op te leggen de in ons land toepasselijke minimumlonen te betalen. Stad Oostende en de gemeente Moorslede gaven ter zake het goede voorbeeld”, besluit Decruyenaere. Een opmerkelijk initiatief is het Charter Werftransport dat het werfverkeer bij grote bouw- en wegenwerken moet in goede banen leiden.

Charter Werftransport

Bij bouw- en wegenwerken kan het werfverkeer voor hinder en onveilige situaties zorgen, zeker in schoolomgevingen. Anderhalf jaar geleden initieerde stad Kortrijk, samen met FEMA en de beroepsorganisaties uit de bouw, het Charter Werftransport. Het convenant verbindt inmiddels de bouwsector en tal van lokale overheden ertoe goede afspraken te maken te maken rond een leefbare en veilige schoolomgeving. Gemeenten die toetreden, verbinden zich ertoe om een aanspreekpunt te organiseren waar aannemers en bouwheren terecht kunnen voor o.m. alternatieve, lees veiligere, routes voor werftransport. (PDC)

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

Oostkamp laat Legendaledreef heraanleggen

Oostkamp laat Legendaledreef heraanleggen

De gemeente Oostkamp (nabij Brugge) wil de Legendaledreef opnieuw aanleggen. De aanleiding daarvoor is de slechte staat van het wegdek, de greppels en de voetpaden en een vraag naar meer verkeersveiligheid. Studiebureau Lobelle maakte het[…]

Haven Oostende produceert eigen elektriciteit

Haven Oostende produceert eigen elektriciteit

Betonnen toren vol technologie

Betonnen toren vol technologie

SKY Towers, het nieuwe landmark van Oostende

SKY Towers, het nieuwe landmark van Oostende

Meer artikels