Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Vurig pleidooi voor groennorm en btw-verlaging naar 6% voor planten

Gerelateerde onderwerpen :

Vurig pleidooi voor groennorm en btw-verlaging naar 6% voor planten

In de categorie ‘Klein’ (kleiner dan 250 m²) wordt het goud gedeeld door De Telder Tuinen (Mathieu De Telder) uit Gent met een tuin in Gent.

21ste laureatenhuldiging De Vlaamse Tuinaannemer

Onze samenleving heeft nood aan een groennorm bij verkavelingen en woningbouw. Bovendien is een btw-verlaging van 21% naar 6% op planten aangewezen, want meer privaat en openbaar groen helpen om de internationale klimaatnormen te halen. Deze belangrijke eisen weerklonken tijdens de laureatenhuldiging van De Vlaamse Tuinaannemer 2017 op zaterdagavond 28 oktober in den Eyck in Kasterlee, waarbij opnieuw gouden, zilveren en bronzen winnaars werden bekroond in vijf categorieën.

Dirk Vandromme, als afgevaardigde van de bloemisterij lid van het presidium van de sierteelt- en groenfederatie AVBS, belicht de missie van de tuinaannemer. “Ik ben reeds jaren actief in de groensector als secretaris van de West-Vlaamse vakvereniging voor sierteelt en groenvoorziening Sint-Fiacre aangesloten bij de beroepsorganisatie AVBS. Ik werk echter ook beroepshalve als groen-ambtenaar voor een gemeentebestuur waar we dagelijks veel groen plannen, aanleggen en beheren. Zo ben ik automatisch ook actief betrokken bij de werking van de Vereniging Voor Openbaar Groen (VVOG). Via deze vereniging en op vraag van VLAM (Het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing) ben ik aangesteld als voorzitter van de Europese intergemeentelijke groencompetitie  ‘Entente Florale Europe’, georganiseerd door de A.E.F.P (Association Européenne pour le Fleurissement et le Paysage). Daarmee wil ik enkel de veelzijdigheid en de fascinerende complexiteit van de job van groenvoorziener in het algemeen belichten. Groen heeft vele invalshoeken en vervult vele functies. Vandaag spreken we ook over de ecosysteemdiensten of de voordelen van groen, zoals de mogelijkheid om het klimaat te reguleren”, stelt hij.

De voorzitter van Entente Florale Europe beklemtoont dat tuinaannemers allemaal betrokken partij zijn bij het ontwerp, de aanleg en het beheer van al deze vormen van groen: openbaar of privaat, tijdelijk of duurzaam en in groot- of kleinschalige projecten. Groen is aanwezig op alle mogelijke en onmogelijke plaatsen en in alle mogelijke vormen.  De tuinaannemer heeft ook vele partners die het groen mee behartigen. Groen is tevens een item op de verschillende beleidsniveaus.

“Een tuinaannemer heeft een veelzijdige stiel en moet een specifieke opdracht vervullen. Het behoort tot de hedendaagse bedrijfscultuur wanneer we ons vragen durven stellen over de missie of opdracht van ons beroep als tuinaannemer en van ons bedrijf. Daarbij worden de kerntaken afgelijnd  zoals: wat zijn de hoofdzaken, wat is bijkomstig of wat is rendabel en wat verlieslatend? Hoe ver moet mijn dienstverlening gaan? Wat is de kwaliteit van mijn afgeleverd eindproduct? Wat is het profiel van mijn klant en wat verwacht hij of zij van mij? Wat zijn de kwalificaties van ons personeel? In hoeverre moeten we ons specialiseren? Deze vragen stellen we ons misschien nog te weinig”, meent Dirk Vandromme.

Hij merkt op dat de missie van de tuinaannemer evolueerde doorheen de tijd, gelukkig maar. “Het beroep van zelfstandige tuinaannemer of hovenier is relatief jong. Vroeger was die hovenier vooral een tuinbouwspecialist, eerst in dienst bij een gefortuneerde werkgever. In de zestiende en zeventiende eeuw bv. zien we de hovenier als een allround vakman. Hij was niet enkel deskundig bij de aanleg en het onderhoud van tuinen, parken en bossen; hij was toen ook bekend als plantenteler. Behalve met de kweek van bomen, sierheesters en bloemen was hij ook actief in moes- en fruittuinen. Soms teelde hij zelf exotische planten en vruchten in opdracht van zijn rijke werkgever. Pas vanaf de negentiende eeuw ontwikkelde het beroep van zelfstandige tuinaannemer zich in Vlaanderen. Het was overduidelijk een vorm van emancipatie van de hovenier, een belangrijk moment dus. Overal te lande werden toen tuinbouwverenigingen of beroepsverenigingen opgericht, zoals in Kortrijk in 1889 de beroepsvereniging voor hoveniers Sint-Fiacre naar de patroonheilige van de tuinaanleggers. Ook beroepsverenigingen voor siertelers of bloemisten werden opgericht. De oprichting van de Boerenbond situeert zich ook in die periode”, weet de groenambtenaar.

Specialisatie

Het vak van hovenier was zo veelzijdig geworden dat specialisatie zich opdrong. Na de Tweede Wereldoorlog democratiseert de private tuin. Steeds meer gezinnen konden een siertuin aanleggen rond hun woning. Het openbaar groen bleef niet achter en er werden parken en plantsoenen aangelegd om de woon- en leefkwaliteit in stadskernen en woonwijken te verbeteren. De Vlaamse tuinaannemers werden altijd als eersten aangesproken om al dit private en openbare groen te realiseren en te onderhouden.

“De kerntaken van de hovenier-tuinaannemer evolueerden mee met de tijd en zullen constant blijven evolueren. In eerste instantie verwacht men van de tuinaannemer een deskundige en kwalitatieve aanleg en het onderhoud van parken en tuinen. De competitie van De Vlaamse Tuinaannemer evalueert dan ook de vakkennis en kwalitatief werk. Een tuinaannemer heeft echter nog andere taken en opdrachten te vervullen”, oppert Dirk Vandromme.

Zo is het volgens hem belangrijk dat tuinaannemers zich permanent bijscholen en nieuwe technieken, materialen en trends opvolgen. “Dit gebeurt ook via een uitgebreid vormingsaanbod bij de vakverenigingen die in iedere provincie actief zijn. Professionele vorming is een eeuwigdurende opdracht voor ons en ons personeel. Het behalen van onze fytolicentie is daarvan een mooi voorbeeld. Het zoeken en vormen van vakbekwaam personeel is ook een kerntaak en een opdracht”, beklemtoont Dirk Vandromme.

Ten tweede moeten tuinaannemers vasthouden aan hun tuinbouwroots. “Heel wat tuinaannemers specialiseerden zich en focussen vandaag op de aanleg van verhardingen. In vele gevallen vraagt de klant dit ook en het is meestal ook meer winstgevend dan zuiver plantwerk. De oppervlakte van de Vlaamse tuin wordt echter steeds kleiner. Gezinnen bezitten steeds minder tuinbouwkennis en hebben ook weinig tijd of zin om in de tuin te werken. Daarom ook stijgt de vraag naar verharding; de voortuin moet plaats maken voor een parkeerplaats voor wagens. Als groendeskundige hou je best vast aan je historische tuinbouwroots. Je missie als tuinaannemer is hier ook om planten in al hun vormen hard en luid te promoten. Er is trouwens veel keuze in vormen en maten: van bodembedekkers tot klimplanten, van solitairheesters tot leibomen, van gevelgroen tot daktuinen, van tuinen tot landschappen; overal kan je als tuinaannemer de juiste planten adviseren, promoten en verwerken bij de aanleg of renovatie  van groenprojecten. Planten bepalen de sfeer en de natuur van een groenzone. Dit veronderstelt tevens een goede plantenkennis. Ook daaraan moet de tuinman permanent werken”, weet de spreker.

In het kader van de betonstop van Vlaams minister Joke Schauvliege pleiten de beroepsorganisaties en de gemeenten voor een verplichte groennorm bij verkavelingen en bij woningbouw. “Vooral vanuit het AVBS-Verbond tuinaannemers met de afdelingen Groen Groeien en Sint-Fiacre is er overleg om die groennorm af te dwingen. Deze groennormering moet verankerd worden in de nieuwe ruimtelijke uitvoeringsplannen en stedenbouwkundige vergunningen”, oppert hij.

Een andere belangrijke kerntaak van de tuinaannemer is dat hij steeds voor de klant een protagonist en een adviseur moet blijven van een groene tuin. “Soms zegt men dat planten duur zijn, maar niets is minder waar. De vraag is of groen wel een luxeproduct is en of die vervelende btw van 21% op planten bij aanleg door de tuinman niet beter kan verlaagd worden naar 6%. Reeds jaren zijn ook hier de beroepsorganisaties en openbare groendiensten hiervoor vragende partij, maar telkens vinden de politieke partijen geen consensus. In de politieke strijd om de verlaging van de CO2-uitstoot moet de overheid beseffen dat meer privaat en openbaar groen helpen om de internationale klimaatnormen te halen. De overheid mag hier geen struisvogelpolitiek blijven voeren: 6% btw op planten is een must die  tuinaannemers en openbare besturen zullen blijven verdedigen op alle niveaus”, benadrukt Dirk Vandromme.

Vervolgens moet de tuinaannemer promotie voeren voor tuinaanleg samen met VLAM. “Bij het voeren van promotie voor planten voor de tuinaanleg krijgen we de volle steun van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing. Sommigen vinden dit een overtollige service van de Vlaamse overheid en willen de VLAM-bijdrage afschaffen. Ik vind een collectieve, solidaire aanpak van de promotie voor de Vlaamse tuinaannemer en tuinplanten daarentegen zeker zinvol. Grotere bedrijven kunnen wellicht goed hun eigen reclame en promotie uitwerken, maar zeker iets kleinere groenbedrijven halen hun volle nut uit de gezamenlijke promotie-acties die door VLAM in direct overleg met de sector een hedendaagse inhoud en vorm krijgen”, oordeelt het lid van het presidium van AVBS.

Groene Lente

“Volgens de recente consumentenenquêtes van VLAM blijven de aankopen van sierteeltproducten dalen terwijl de tuinaanleg nog steeds groeit. 14% van de Belgen doen momenteel een beroep op een tuinaannemer, meer dan het dubbele t.o.v. een tiental jaar terug. De helft van deze uitgaven gaat daarbij naar tuinonderhoud. Via websites en Google voert VLAM promotie met privaat en openbaar groen. Zo telde de site tuinaannemer.be in 2017 reeds meer dan 200.000 bezoekers. VLAM hecht enorm veel belang aan de samenwerking met de beroepsverenigingen, zoals de BFG (Belgische Federatie Groenvoorzieners) en AVBS met het Verbond van Tuinaannemers en het Verbond van Boomtelers. Voor de promotie van het openbaar groen viseren we dan weer de samenwerking met de VVOG met acties zoals de intergemeentelijke groencompetitie ‘Groene Lente’ en de Europese groenaudit via ‘Entente Florale Europe’. Voor 2018 voorziet VLAM een budget van meer dan 2,2 miljoen  € voor de promotie van parken en tuinen. De helft hiervan gaat naar de promotie van de openbare en private groenaanleg in Vlaanderen. Dit is heel wat meer dan de voorbije jaren. Ook voor onze actie van De Vlaamse Tuinaannemer is opnieuw een budget gereserveerd voor 2018”, weet Dirk Vandromme.

Tuinaannemers moeten tevens een natuurvriendelijk imago opbouwen. “We kennen allemaal de campagne ‘Zonder is gezonder’ van de Vlaamse overheid. Hier heeft de tuinaannemer toch een imagoprobleem waaraan we moeten werken. Vele burgers zien de tuinman immers als een duivel die roekeloos omspringt met giftige producten en alle flora en fauna platspuit. Tuinaannemers moeten in de toekomst bewijzen dat we de specialisten bij uitstek zijn die, gewapend met de vereiste licenties en ervaring, selectief en adviserend weten om te gaan met alle soorten  fytofarmaceutische producten. De bestrijding van exoten en plantenziekten is een belangrijke uitdaging voor iedere Vlaamse tuinaannemer of groendienst. We moeten het natuurvriendelijke imago van de tuinman aanscherpen”, beseft de groenambtenaar.

Openbaar groen fungeert als takenpakket. “Recent nog hoorde ik de droevige opmerking dat gemeentelijke groendiensten concurrenten zijn van de tuinaannemers. Ik kan getuigen dat enorm veel openbaar groen vandaag is toevertrouwd aan tuinaannemers. Groendiensten hebben de tuinaannemers broodnodig bij de aanleg en het beheer van publieke groene ruimtes. We moeten elkaar nog meer beschouwen als bondgenoten en partners. Vooral bij de aanleg van openbaar groen heeft de tuinaannemer een specifieke ervaring. De term ‘green cities’ verwijst naar het belang  van openbaar groen voor het leefklimaat in onze steden. Openbaar groen wordt in de toekomst steeds meer een kerntaak van de tuinaannemer. Het areaal aan privaat groen zal immers niet zo snel stijgen en het openbaar groen en de aanleg en het onderhoud van het publieke domein in het algemeen bieden mooie toekomstperspectieven voor de tuinaannemer. Solliciteer naar werk bij openbare besturen. Dit kan ook gebeuren via onderaanneming, bv. bij wegenbouw of een grotere omgevingsaanleg. En zorg ervoor dat je dan als tuinaannemer-onderaannemer niet de pineut bent, maar wel de groendeskundige met een waardige prijs voor de bestekposten in aanleg én onderhoud. Onze competitie van De Vlaamse Tuinaannemer kan in de toekomst best een nieuwe categorie ‘Openbaar groen’ inlassen  en ook de kwaliteit van openbare groenaanleg laten beoordelen door onze jury”, suggereert hij.

Tuinaannemers moeten tevens overleggen met verschillende partners.

“In een tijdperk van onbegrensde media- en communicatietechnologie blijkt echt overleg soms zo moeilijk. Decennialang bestond een actief Vlaams ‘Overlegcomite 'Tuinaanleg’, maar dat is al een tijdje niet meer actief. De twee bestaande koepelorganisaties voor tuinaanleg, BFG enerzijds en AVBS met de gilden van het Verbond van Tuinaannemers anderzijds, kwamen destijds regelmatig samen om de knelpunten in de sector te bespreken. Dit was nuttig om de collegialiteit aan te scherpen. Ik roep ertoe op om dit comité nieuw leven in te blazen om samen de overkoepelende dossiers aan te pakken. Slechts door overleg en samenwerking kunnen we onze groensector een geloofwaardig en sterk gelaat geven bij de onderhandelingen en de dossiervorming. Voor vele items staan ook de openbare groendiensten klaar om samen te werken met private tuinaannemers en beroepsverenigingen”, poneert Dirk Vandromme.

Groenmanager

De tuinaannemer van de eenentwintigste eeuw staat dus voor heel wat uitdagingen. “Zijn missie is niet enkel het aanleggen en beheren van groen; als hedendaagse groenmanager moet hij vooruitkijken en nieuwe vaardigheden ontwikkelen in overleg met collega’s uit de private en openbare sector. Beroepsverenigingen bieden een goed forum om je bedrijf en de sector voort uit te bouwen. De diensten van VLAM staan daarbij ter beschikking”; signaleert de eerste spreker.

Lucien Verschoren, voorzitter van de vakgroep Boomtelers bij AVBS, legt in zijn toespraak de klemtoon op goede contacten tussen tuinaanleggers en boomkwekers, de grote keuze aan kwaliteitsplanten met vele mogelijkheden en de gezamenlijke belangen.

“Tuinaanleggers en boomkwekers hebben veel gemeen: we werken allebei grotendeels buiten en genieten hierbij van de zon, maar kampen ook met regen, vorst en lange periodes van droogte. De klimaatverandering is duidelijk voelbaar, maar we hebben geleerd daar creatief mee om te springen. De kwaliteit van de planten is dit jaar uitstekend: ze zijn misschien hier en daar een maatje kleiner (door de droogte), maar zijn goed vertakt en goed geworteld”, weet Verschoren.

Hij merkt op dat tuinaanleggers en boomkwekers allebei zelfstandige beroepen uitoefenen, meestal in familiaal verband, wat hen zelf verantwoordelijk maakt voor alles wat ze doen. Hard werken en veel verschillende taken deskundig uitvoeren is hun dagelijkse job en  polyvalentie bespaart vele kosten. Tuinaanleggers en boomkwekers werken beiden ook met levend materiaal. Vroeg of laat duikt wel eens een ziekte of plaag op; maar als de basis goed zit, komt de groei vanzelf door het licht van de zon, het koolzuurgehalte uit de lucht dat zorgt voor het bladgroen, het water in de grond, enz.

De voorzitter van de vakgroep Boomtelers raadt iedereen aan om eens een boomkweker te bezoeken. “Onze bedrijven staan hiervoor altijd open aan het eind van het groeiseizoen; augustus en vooral september zijn hiervoor de beste maanden. Bel voor een afspraak, kies de bomen uit op het veld en markeer genoeg bomen zodat je nog altijd kan kiezen. Voor verschillende projecten kan misschien maar één grote solitaire plant gekozen worden, die dan helemaal moet voldoen. Het kan een meerstammige zijn, een groter exemplaar, enz.”, stelt hij.

Tuinaanleggers en boomkwekers komen mekaar ook tegen in plantentuinen. “Onze arboreta zijn juweeltjes voor ons als plantenliefhebbers. Vorig jaar organiseerden we nog een cursus plantenkennis, waaraan enkele tuinaanleggers deelnamen. We konden telkens rekenen op vele belangstellenden en veel interesse. De lessen werden gegeven door onze boomkwekers zelf, wat het allemaal nog directer maakte. We willen deze lessen graag voor de tuinaanleggers herhalen en voort uitwerken. We onderzoeken met onze gilde tevens zomerbezoeken aan drie kwekerijen, waarbij deskundigen uitleg geven”, meldt Lucien Verschoren. Hij stelt ook vast dat tuinaanleggers en boomkwekers elkaar tegenkomen op beurzen zoals Green Expo en er elkaar uitstekend aanvullen.

De problematiek van de fytolicentie draagt eveneens een gezamenlijke belangstelling weg; er komen altijd vele geïnteresseerden naar de lessen en demonstraties. Wie zich aansluit bij de dienst Waarnemingen en Waarschuwingen van het Proefcentrum voor Sierteelt (PCS) in Destelbergen verwerft veel kennis en deskundigheid in deze moeilijke materie.

Er is tevens een grote keuze aan kwaliteitsplanten met vele mogelijkheden die op een duurzame manier worden gekweekt, stipt de voorzitter van de vakgroep Boomtelers bij AVBS aan. “Vlaanderen telt bijna 500 boomkwekerijen met samen ongeveer 500 ha containercultuur en meer dan 5.000 ha bomen in de volle grond. Elk bedrijf heeft zijn specialiteit en zijn klanten. Er is een breed assortiment met een grote keuze aan vaste planten, bosbomen (bosplanten zijn de oplossing voor de CO2-uitstoot), haagplanten, rozen, kuipplanten, rododendrons (een specialiteit van Vlaanderen), buxus in soorten, laanbomen, coniferen, sierheesters, meerstammigen, talrijke vormbomen, enz. Ook kleine bomen zijn voldoende beschikbaar voor kleine tuinen. De klant is koning; als hij aan iets denkt, moet dat er zo snel mogelijk zijn. Een tuin moet direct toonbaar zijn. Gebruik ook voldoende grote bomen”, raadt de spreker aan.

Airpots

Nadat het gras gezaaid is of de graszoden zijn gelegd, kunnen de vaste planten al in september geplant worden. Ook coniferen kunnen vroeg geplant worden. “Vanaf 1 november kan alles geplant worden met kluit (bv. voor feesten) of blote wortel. Vooral in maart en april is het erg druk op de kwekerijen. Het stijgende aanbod in grote containers, airpots, bags, enz. laat toe nog later te planten. We kunnen elke gewenste boom of plant klaarmaken. Planten kan nu in bijna elk seizoen”, glundert Lucien Verschoren.

Hij dringt erop aan om meer bomen in hun diversiteit te planten en onderscheidt in de natuur minstens drie verschillende bladlagen: een bomenlaag, een struiklaag met heesters en een kruidlaag en moslaag met vaste planten. “Heel veel openbare besturen concentreren zich op één laag. We kunnen dus meer variatie krijgen, ook op kleine plaatsen. Boomspiegels hebben wel degelijk een functie en brengen een extra dimensie. In het openbaar groen en binnenkort misschien ook in de tuinen worden chemische middelen zoveel mogelijk geweerd. Bodembedekkers en het principe van dichter planten zorgt ervoor dat de grond al na een jaar bedekt is en er geen nieuw onkruid meer kan gedijen”, deelt de voorzitter van de vakgroep Boomtelers mee.

Kwaliteitsplanten kunnen de biodiversiteit verhogen, bijdragen tot een gezonde biotoop en de kans op zware aantastingen door ziektes en plagen vermijden. Lucien Verschoren pleit voor het principe van gemengd aanplanten voor een park, een tuin, enz. volgens de 30/20/10-regel (familie/geslacht soort) en voor afwisseling. Hij heeft hier zelf jaren onderzoek naar gedaan en heeft gemerkt dat nuttige insecten een groot gedeelte opruimen en de meeste ziekten en plagen onder controle houden. “Een plant opkweken kost tijd, een grote boom soms meer dan twaalf jaar. Een boomkweker moet dus de toekomst kunnen voorspellen. Ik wil dan ook weten wat de Vlaamse Bouwmeester binnen vijf of tien jaar wil, want die planten moeten we nu gaan kweken”, bezweert hij.

Het assortiment is volop in beweging en is terecht uitgebreid. De planten moeten aangepast zijn aan de grondsoort (zuur/kalk), de vochtigheid van de grond (droog/nat), de standplaats (licht/schaduwplanten), de grootte (hoogstam/struik), de kleur (planten brengen kleur in je leven en zorgen voor twaalf maanden groen, zoals wintergroene eiken), de vorm, enz. Er is veel vraag naar bloeiende planten die geschikt zijn voor bijen, vlinders en vogels zoals Heptacodium en we zien ook een trend naar het plukken van fruit en kleinfruit in de eigen tuin of de volkstuin.

“Onze boomkwekerijen hebben veel geïnvesteerd in een nieuw assortiment met mooie herfstkleuren van bv. Acer’s en in wintergroene middelgrote bomen zoals de vele nieuwe eiken Quercus. We moeten ook rekening houden met de klimaatverandering, die mogelijkheden biedt aan heel wat nieuwe soorten, maar ook voor verdroging zorgt (mogelijkheden voor coniferen). Je kan ons assortiment uitvoerig bekijken op de kwekerijen en op Florall, de eigen beurs van AVBS die twee keer per jaar (begin maart en eind augustus) wordt georganiseerd in Waregem en waar boomkwekers staan met kwaliteitsplanten”, signaleert Lucien Verschoren.

Tot slot wijst hij op de gezamenlijke belangen. “Groen wordt door ons voldoende naar waarde geschat. Groen doet leven en het positieve effect ervan op onze gezondheid is wetenschappelijk bewezen. Contact met groen en zicht op groen helpen ons om te recupereren van stress en te herstellen van ziekte. Bovendien zet groen in parken, tuinen, lanen, … ons ertoe aan om te bewegen. Groen vormt een oase van koelte en rust. Groene en blauwe elementen in steden helpen het stedelijke hitte-eilandeffect temperen. Vegetatie heeft ook een milderend effect op de geluidsoverlast en zorgt voor droge voeten. Grote delen van onze steden zijn immers verhard, waardoor neerslag in hoog tempo wordt afgevoerd. Groene zones in de stad en groendaken bieden hier soelaas”, oppert de voorzitter van de vakgroep Boomtelers.

Groen filtert fijne stofdeeltjes uit de lucht en kan de luchtkwaliteit in de stad verbeteren als het op de juiste plaats en manier is ingeplant. Groen brengt ook mensen samen, want parken stimuleren sociale interacties in de stad en brengen verschillende sociale groepen samen. Zelfs stadslandbouw kan een groene rol vervullen. Groen in de stad trekt bovendien recreanten en toeristen aan, wat de welvaart verhoogt en economische baten oplevert.

Gezondheid

“Een groene omgeving trekt bedrijven en werknemers aan en zorgt voor aangename werksteden. Ze verbetert ook de fysieke en mentale gezondheid, waardoor het werkverlet daalt en de productiviteit verhoogt. Groen wonen is bovendien geld waard. Mensen wonen graag in de nabijheid van een park of een groen plein of aan het water. Groen en water in de buurt hebben dan ook een positief effect op de waarde van vastgoed”, looft Lucien Verschoren.

Helaas moet hij constateren dat groen bij bouwprojecten op de allerlaatste plaats komt, als er nog wat geld over is. “We willen dit samen met de tuinaannemers anders zien en zijn daarom gaan praten met de medewerkers van de Vlaamse Bouwmeester. Tijdens die bespreking, waarbij ze voor het eerst vertegenwoordigers van de tuinaanleg en de boomkwekerij ontmoetten, hebben we het belang van planten kunnen aantonen, ook voor verticaal groen en daktuinen. We gaan dit contact in elk geval onderhouden, want we moeten over ons beroep praten en het uitdragen. Via onze overkoepelende organisaties ENA (European Nurserystock Association) en EFNA (European Forestry Nursery Association) en met de hulp van onze Europarlementsleden ijveren we in Europa voor de aanplant van bossen, parken en het nut van planten voor onze samenleving. Het project ‘Green Cities’ is goedgekeurd en zal een stimulans betekenen voor groen in de stad. Bij de Vlaamse regering ijveren we voor een groennorm. Naast een ruimtelijk kader die de groennorm kan creëren zien we ook kansen om bepaalde gemeenschappen te sensibiliseren voor een groennorm. We moeten groene ruimtes voorzien bij scholen, rust- en verzorgingstehuizen (rvt’s), … AVBS vindt het dan ook belangrijk om de tuin- en landschapsarchitecten te betrekken bij de opmaak van een groennorm en stuurt erop aan om te evolueren van een vrijblijvende groennorm naar een decretaal verankerde groennorm met o.a.  het streven naar een minimaal percentage van het oppervlak voor groen bij infrastructuurwerken. We pleiten voor meer groen en minder grijs of beton”, bevestigt hij.

Tot slot ziet hij een belangrijke rol weggelegd voor het Proefcentrum voor Sierteelt (PCS) als onafhankelijk kenniscentrum voor sierteelt en groen in Vlaanderen. “Het PCS kan personen, bedrijven en diensten begeleiden die groen plannen en aanleggen. We staan er dus gelukkig niet alleen voor: tuinaanleggers, tuinarchitecten, groenwerkers en boomkwekers bewandelen samen het pad door onze tuinen, parken en arboreta”, straalt Lucien Verschoren.

Hij meldt tevens een aantal leuke plantvriendelijke initiatieven zoals de plakkaatjes aan bomen met opschriften als ‘Gratis airco’ en ‘Laat me niet stikken’ op een Vlaams pleintje, ‘Pimp je speelplaats’ (“Er zijn zeker vijftig tinten groen verkrijgbaar in onze boomkwekerijen”) en verticaal groen (op de Ford-site in Genk zijn tal van mogelijkheden) en signaleert dat enkele weken geleden nog een gesprek heeft plaatsgevonden met Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege. Tot slot houdt hij nog een korte quiz waarbij de aanwezigen de naam van de getoonde “bomen” (slagboom, hefboom, noordboom, klimboom, stamboom, babyboom, wensboom, juwelenboom) en bloemen (muurbloem) mogen raden. Zelfs de locatie van deze uitreiking (Den Eyck) combineert twee boomsoorten, triomfeert hij.

De laureatenhuldiging werd ook dit jaar in perfecte banen geleid door Rit Vangeel. Ze bracht een warm eerbetoon aan groenjournalist en poëzie- en romanschrijver Ivo Pauwels, die na jarenlange trouwe dienst de fakkel van juryvoorzitter doorgeeft aan Pepijn Verheyen. Alle sprekers kregen tevens een Lobelia Starship.

Tijdens deze reeds 21ste laureatenhuldiging werden winnaars in vijf categorieën onderscheiden. Tuin- en landschapsarchitect, presentator en schrijver Pepijn Verheyen maakte voor het eerst de laureaten bekend en las de juryverslagen voor.

De warme smaak van het zuiden

In de categorie ‘Klein’ (kleiner dan 250 m²) wordt het goud gedeeld door De Telder Tuinen (Mathieu De Telder) uit Gent met een tuin in Gent en Philippe Haseldonckx Tuinarchitectuur uit Brasschaat met een tuin in Mechelen. Ward Gielkens Tuinarchitectuur & Aanleg uit Overpelt verovert zilver met een tuin in Hasselt.

De warme smaak van het zuiden zindert volgens de jury door de winnende tuin van De Telder Tuinen, naar een ontwerp van Annabelle Tieter en Mathieu De Telder.

“Doorheen de tijd kunnen smaken veranderen en dat was ook de reden voor tuinaannemer Mathieu De Telder en tuinarchitecte Annabelle Tieter om het roer volledig om te gooien en de aansluitende daktuin helemaal af te stemmen op het nieuwe interieur. De loftsfeer van weleer maakte plaats voor een zuiderse warmte met nieuwe groenaccenten.

Mathieu en Annabelle behielden het originele concept van plantbakken langs de randen van de daktuin, maar gaven deze een tijdloze look met een bekleding van verweerde planken, afkomstig van gerecupereerd Canadees schuurhout. Ook aan de buitenzijde van de gevel kwamen extra plantbakken met hoge siergrassen. Door dit wuivende scherm van hoge grashalmen ontstaat er meer diepte in de beplanting en wordt het zicht op storende gebouwen in de omgeving subtiel gecamoufleerd. Qua beplanting kozen ze voor een smaakvol evenwicht tussen wintergroene planten en planten met herfstverkleuring. In de hoeken vertaalt zich dat in karaktervolle solitaire bomen zoals kurkeik (Quercus suber) en zachte eik (Quercus pubescens), met daartussen de zilveren bladtinten van Siberische edelweiss (Anaphalis triplinervis ‘Silver Wave’) en het wintergroene blad van hemelse bamboe (Nandina domestica sp.) Deze laatste tooit zich met warmrode tinten in de herfst- en winterperiode. Ook de zachte grijstinten van de bodembedekker stekelnootje (Acaena microphylla ‘Dichte Matte’), wolfsmelk (Euphorbia characias ‘Black Pearl’) en kruipende rozemarijn (Rosmarinus officinalis ‘Prostratus’) sluiten mooi aan op de vergrijzing van de plantbakbekleding. Als secundaire kleur kozen Mathieu en Annabelle voor zwart, een kleur die terug te vinden is in de donkere randen van de plantbakken en de lichtarmaturen. Ook in de hoogte is de liefde voor groen prominent aanwezig met crèmekleurige klimrozen (Rosa ‘Golden Celebration’) en een compact bloeiende blauweregen (Wisteria floribunda ‘Amethyst Falls’). De plantbakken zijn voorzien van een automatisch bewateringssysteem zodat het koppel zonder zorgen enkele weken op reis kan. Omdat de vrouw des huizes graag kookt, plaatsten ze in de buurt van de keuken ook een plantbak met een variatie aan kruiden. Aan de muzikale wensen is tegemoetgekomen met enkele subtiel in de beplanting weggewerkte geluidsboxen. Twee pergola-elementen geven de tuin hoogte en extra cachet. In de toekomst kunnen ze eventueel bekleed worden met schaduwdoeken. Bij valavond, wanneer de zon haar laatste warmte verliest, neemt een warmtestraler tegen de zijgevel haar functie over. Deze daktuin is werkelijk in alles voorzien om volledig tot rust te komen”, luidt de motivatie van de jury.

“Black is beautiful”, oordeelt de jury bij het bekronen van de tuin van Philippe Haseldonckx Tuinarchitectuur uit Brasschaat in Mechelen naar een ontwerp van Philippe Haseldonckx.

“Slechts 4 bij 8  m meet dit kleine tuintje in de Mechelse binnenstad, waar de beplanting de wet dicteerde en de privacy zoek was. Tuinaannemer Philippe Haseldonckx herstelde de rust en schermde met de kruinen van bomen de inkijk van flatbewoners in de buurt af. De beheerste, sfeervolle compositie laat de eigenaars in elk seizoen herademen na de dagelijkse drukte.

Hoewel een spiegel tegen de achterwand van de tuin laat vermoeden dat er nog een extra tuinkamer te ontdekken is, ligt deze tuin volledig omsloten door hoge muren. De enige manier om alle materialen aan te brengen was via de voordeur. Philippe maakte goede afspraken met de architect die instond voor de renovatiewerken, en was als eerste klaar. Om de tuin op gelijke hoogte te krijgen met de woning moest hij 80 cm worden opgehoogd. Langszij in de plantvakken gebruikte Philippe voedzame plantgrond zodat de solitaire bomen en struiken een stevige basis hebben om in te wortelen. In het brede terras in padoek liet hij enkele openingen voor haagbeuken op stam die met hun groene lover schaduw werpen op het terras. De hardhouten planken zijn blind gevezen waardoor het terras aanvoelt als een warme parketvloer. Tussen lage beukenhagen liet Philippe het paadje tot tegen de bespiegelde achterwand van de tuin lopen. Zo ontstaat de illusie dat je doorheen de muur naar een tweede tuinkamer kan wandelen. In tegenstelling tot de omringende tuinen koos Philippe voor een houtskoolzwarte kaleiverf tegen de oude tuinmuren. Hierdoor komen de oneffenheden minder tot uiting en ontstaat een schaduweffect waardoor het aanwezige groen nog meer op het voorplan treedt. Boven de wintergroene wolken van schijnhulst zorgt een blauweregen voor een beetje kleur. Aan de voet van de solitaire bomen gaf Philippe tot slot enkele grondspots een plaatsje zodat er een extra prettige sfeer heerst na zonsondergang”, signaleert de jury.

Verschil moet er zijn

In de categorie ‘Midden’ (250 - 1.000 m²) wint Arte Verde (Frederik De Vos) uit Sint-Goriks-Oudenhove goud met een tuin in Woubrechtegem, vóór Herba bvba (Tim Deprez) uit Lubbeek met een tuin in Linden en Tuinen De Muynck (Stefaan De Muynck) uit Oedelem met een tuin in Vosselare, die elk brons in de wacht slepen. Arte Verde wint ook de publieksprijs.

“Verschil moet er zijn”, meent de jury m.b.t. de winnende tuin naar een ontwerp van Frederik De Vos.

“Na de totaalrenovatie van hun woning in Woubrechtegem kon ook de tuin een nieuwe wending gebruiken. Tuinaannemer Frederik De Vos wikte en woog de verschillende niveauverschillen in voor-, zij- en achtertuin en schonk de eigenaars een buitenruimte om zorgeloos te genieten dankzij het gebruik van onderhoudsvriendelijk groen.

In zijn rustgevende ontwerp liet Frederik zich leiden door de zachtgrijze tinten van woning en tuinmuren. In de omsloten hellende voortuin creëerde hij verschillende niveaus die hij op elkaar aansloot met solide basalten traptreden. Keermuren en borduren omsluiten de plantvakken op verschillende hoogtes. Langszij vinden de stevige bloemstengels van hortensia ‘Limelight’ extra steun tegen de tuinmuur, terwijl lage grassen in combinatie met Franse dolomiet het harde grondplan verzachten. In de hoogte krijgt een meerstammige Japanse zelkova (Zelkova serrata) alle ruimte om zijn takken te spreiden. Opdat het regenwater te allen tijde kan wegvloeien, vatte Frederik de grindvlakken in waterdoorlatende ecogravel matten die hij combineerde met kunstig in de verharding verwerkte afwateringsgootjes. Het zachtoplopende kleiklinkerpad verbindt de voortuin met de achtertuin. Het loopt langs de woning en snijdt er met een zichtas die leidt naar een kunstwerk. Het pad mondt ten slotte uit in een breed hoofdterras naast de woning. De diverse verhardingsmaterialen zijn hier in kleur perfect op elkaar afgestemd. Het avondterras ligt beschut tegen padoekwanden, waarin Frederik met oog voor detail tal van ledstrips verwerkte. Een grillige meerstammige Japanse zelkova geeft met zijn decoratieve bast en bladeren enige schaduw aan het terras. Extra beschutting krijgen de bewoners van een taxushaag die in de hoogte wordt bijgestaan door geleide glansmispels (Photinia fraseri ‘Red Robin’). In het voorjaar kondigen deze wintergroene bomen met hun nieuwe bruinrode loten de lente aan. Half verstopt in het groen, in het verlengde van de hardhouten tuinwand, beschikken de bewoners nog over een houtmijt. Een stevige constructie van basalten traptreden leidt naar een hoger gelegen grasveld. Door zijn plantkeuze en doordacht tuinplan creëerde Frederik hier een aantrekkelijke lofttuin waar zowel de bewoners als hun bezoekers met moeite afscheid van kunnen nemen”, prijst de jury.

In de categorie ‘Groot’ (groter dan 1.000 m²) krijgt Guy Janssens Tuin- en Landschapsarchitectuur uit Kortenaken goud voor een tuin in Vlaams-Brabant. Tuinarchitectuur Frederiek Snaet uit Oosterzele wordt bekroond met zilver voor een tuin in Sint-Martens-Latem, Tuinwerken Wim Beliën bvba uit Ham met brons voor een tuin in Meerhout.

De jury beleefde “De natuur aan huis” bij de winnende tuin naar een ontwerp van Guy Janssens.

“In Vlaams-Brabant kreeg tuinaannemer Guy Janssens de opdracht om de tuin van een gerenoveerde woning uit de jaren ‘50 van vorige eeuw in een passend eigentijds jasje te steken. De eigenaars wensten een zeer natuurlijke tuin die volop privacy garandeert en alle ruimte biedt aan de kinderen om te ravotten en te spelen.

In zijn ontwerp schuwde Guy al te strakke vormen om zo een natuurlijke en geborgen uitstraling aan de woning te geven. Ook vrijwaarde hij enkele bestaande bomen. Zo kreeg een oude magnolia uit de achtertuin een opfrisbeurt en een nieuwe plek aan het ingesloten terras voor de woning. Het hoogteverschil van dit avondterras in basalttegels ving hij op door langszij groenstructuren van buxus en hulst te plaatsen. Enkele klimrozen (R. ‘Paul’s Himalayan Musk en R. ‘Toby Tristram’) mogen links en rechts van het terras de muren en daken als canvas gebruiken voor hun weelderige bloei. Langs de straatkant zorgt een dubbele haag van hulst en beuk voor de nodige privacy. In de hoogte leidde Guy vakkundig een rij sierkersen (Prunus subhirtella ‘Autumnalis Rosea’) die op termijn de woning tijdens de wintermaanden in een zachtroze bloemenwolk mag hullen. Een mooi aangelegd donker kleiklinkerpad loopt vakkundig rond de woning en mondt uit in een brede oprit. Enkele oude fruitbomen naast de ruime grindparking geven de zijgevel van de woning de nodige grandeur. De achtertuin ligt verscholen achter een hoge gemetselde muur en is te bereiken via een ovalen toegang. Langs deze voetbalmuur kregen de kinderen een sportpleintje met een valdempende rubberen gietvloer. Het is de bedoeling dat zij later de muur versieren met graffitikunst. Vanop het bestaande verhoogde terras achter de woning hebben de eigenaars een adembenemend zicht op de omgeving. Als blikvangers in de achtertuin kunnen de bestaande majestueuze linde en een langgerekte zwemvijver met langszij een houten tuinatelier zeker tellen. Aan de linde gaf Guy een uitgebreide verjongingssnoei zodat hij weer blaakt van gezondheid. Het houten atelier is goed bereikbaar en biedt via een ruime glaspartij alle zicht op de tuin en zijn omgeving. Enkele eilanden van siergrassen doorbreken de uitgestrekte groene vlakte. Tijdens de lente steken meer dan 500 narcissen hier hun kopje op. Alle solitaire bomen kregen een lichtspot aan de voet, zodat de tuin ook ’s avonds of tijdens de winter zich in sfeervolle glorie aan de bewoners kan tonen”, licht de wedstrijdjury toe.

Symfonie in groen majeur

In de categorie ‘Jong Talent’ kaapt Tuinarchitectuur Adam bvba (Kevin en Robin Adam) uit Overijse het goud weg met een tuin in Watermaal-Bosvoorde. Het brons wordt gedeeld door Concept Gardens bvba (Nicky Daems en Bart Sysmans) uit Sint-Katelijne-Waver met een tuin in Kampenhout en Tuinen Moens (Wesley Moens) uit Lochristi met een tuin in Gentbrugge.

Een “Symfonie in groen majeur” noemt de jury de bekroonde tuin naar een ontwerp van Tuinarchitectuur Adam ontwerpbureau.

“Een klein tuintje hebben aan de stadsrand van Brussel is leuk, maar zo steil? Zowel voor- als zijtuin waren eigenlijk enkel om naar te kijken. De bewoners wilden meer leefgroen en klopten aan bij de broers Kevin en Robin Adam, die zowel bij ontwerp als bij aanleg elkaar perfect aanvullen. Door enkele ingenieuze ingrepen werd de bruikbare oppervlakte van de tuin haast verdrievoudigd.

Een goede planning en voorbereiding waren voor deze steile stadstuin een absolute noodzaak. Zo konden Kevin en zijn broer Robin vaak niet beschikken over de gemeenschappelijke parkeerplaatsen voor de woning. Door de beperkte ruimte was werken met machines ook geen sinecure. Er werd gewerkt van achter naar voren en met goede afspraken met de leveranciers zodat er een minimale overlast was voor buren en forenzen die hun wagen voor de woning kwamen parkeren.

Eerst verwijderden Kevin en Robin alle bomen en het grasperk. Dan volgde een uitgebreide bodembewerking. Het terras naast de woning kreeg een solide dubbele fundering die zowel de drainage als de stabiliteit van de ondergrond moest garanderen. Stevige keermuren werden verborgen achter een 70 cm dieper geplante taxushaag. Als verharding kozen de broers voor een karaktervolle en degelijke Vihn Blue Chinese blauwe hardsteentegel die ook bij regenweer heel mooi opleeft. Langszij gaven ze de bewoners beschutting met een scheidingswand uit Thermowood. Kunstig verwerkt in de taxushaag installeerden ze uit cortenstaal vervaardigde houtopslagboxen. De bewoners waren zo te spreken over dit idee dat ze het hout nog steeds onaangeroerd laten. De oude grasmachine mocht met pensioen en werd vervangen door een volautomatische robotmaaier die dagelijks de lengte van het gras verifieert en bijstuurt.

Tot slot gaven Kevin en Robin de voortuin een nieuw gezicht. Trede per trede werd van bovenaf geplaatst en verankerd in het geheel. Door de haakse opstelling van de traptreden moet je als eigenaar of bezoeker even een stapje opzij zetten waardoor de aandacht voor een moment wordt gevestigd op de gevarieerde plantvakken langszij. Bladkleuren en bladtextuur wisselen er elkaar het jaar rond af in een levendige symfonie van groen. Hoge stapelmuren geven deze plek extra cachet. Ook de brievenbus past perfect in het plaatje. Kevin en Robin tonen hier dat ze van alle markten thuis zijn. De bewoners kunnen ook in de toekomst op hen rekenen om hun tuin in optima forma te houden”, motiveert de jury.

Als bloemen vleugeltjes krijgen

In de categorie ‘Groen kleurt’ is het goud voor  Christoph Soenens uit Oostrozebeke met een tuin in Sint-Baafs-Vijve, het zilver (en de prijs van BEST-select) voor Etienne Michiel uit Schilde met een tuin in Mortsel en het brons voor A.D.S. Gardens (Andrew De Sloover) uit Lotenhulle met een tuin in Deurle.

“Als bloemen vleugeltjes krijgen” is volgens de vakjury het leitmotiv van de gelauwerde tuin naar een ontwerp van Christoph Soenens.

“Na grondige renovatiewerken aan de woning heerste koning onkruid met harde hand in deze kleine ommuurde tuin achter een woning in Sint-Baafs-Vijve. De eigenares contacteerde tuinaannemer Christoph Soenens, die haar een strak nieuw grondplan onder de neus schoof, maar dat was niet wat zij in gedachten had. De eigenares droomde immers van een rustig zithoekje, volop bloemen en bijen en misschien zelfs een waterpartij om nog meer leven naar de achtertuin te lokken. Met dat wensenpakket ging Christoph aan de slag en het resultaat toont dat dromen in werkelijkheid nog mooier kunnen zijn dan in gedachten.

Met man en macht verwijderden Christoph en zijn team alle onkruiden uit de achtertuin. Vervolgens plaatste hij verhoogde hardhouten plantbakken langszij en achteraan integreerde hij een tuinbank waar de eigenares ook langgerekt in de zon kan gaan liggen. In een hoek van de woning kreeg de eigenares een ruim hardstenen terras dat aanleunt tegen een kleine vijver. Ondiep gelegen nutsleidingen in de ondergrond bepaalden de diepte van de waterpartij. De opstaande rand in blauwe hardsteen nodigt uit om met de neus boven het water te komen hangen en op zoek te gaan naar leven tussen de weelderig tierende waterplanten. Plantvakken rondom verzachten de harde contouren van het verhoogde watervlak. In een hoek van de tuin maakte Christoph een pergolaconstructie, niet om planten langs te leiden, maar om discreet de was te kunnen laten drogen. Vanaf het vroege voorjaar brengen bloembollen kleur in de verhoogde plantbakken. In hun kielzog barsten de zomerbloeiers los en zoemt de tuin vanaf de eerste zonnestralen. Ook vlinders kunnen hier rusten of fladderend van bloem tot bloem hun buikje vol eten. Groenblijvende vaste planten, leifruit en siergrassen kregen de opdracht om de tuinmuren te doen vergeten en slagen daar wonderwel in. Tijdens de koudere maanden van het jaar nemen de wintergroene planten en verdorde bloemsilhouetten hun taak over. Tussen de beplanting legde Christoph een dikke laag boomschors om het onkruid te onderdrukken. Op enkele weken tijd had zijn team het tuintje picobello in orde gezet en kwamen de eerste bijtjes al nieuwsgierig kijken. Op een zucht van elkaar vinden ze er nu nectar en stuifmeel à volonté. En de tuin-eigenares, die zoemt tevreden mee.

Tegenwoordig kiest een tuineigenaar bij de heraanleg van zijn tuin voornamelijk voor een onderhoudsvriendelijk ontwerp. Vaak houdt dat in dat de plantenrijkdom in de ‘vernieuwde’ tuin verschraalt. In dit project laat tuinaannemer Christoph Soenens zien dat het ook anders kan. De opdrachtgeefster koos dan wel bewust voor bloemen en planten die veel insecten naar haar tuin moeten lokken, maar het is de tuinaannemer die haar wensen vertaalt en met een ruime variatie haar groene tuindroom tot leven laat komen.

In de hedendaagse tuin hebben siergrassen de invasieve bamboevariëteiten meer en meer naar de achtergrond verdrongen. Terecht, want deze relatief makkelijk te onderhouden planten bekoren jaarrond met hun bloeiaren en winters silhouet. Een zeer populair siergras is Calamagrostis x acutiflora ‘Karl Foerster’. Dit pluimstruisriet werd vernoemd naar een Duitse plantenveredelaar en tuinfilosoof. Oorspronkelijk komt Calamagrostis voor in het noorden van het Amerikaanse continent. Het is een steil opgaand siergras met smalle groene bladeren die tot bijna 2 m lang worden. Zowel alleen als in groep gooit hij hoge ogen in de tuin. Vanaf het begin van de zomer tooit dit compacte siergras zich met lichtgele pluimige bloemaren die naar de herfst toe goudachtig verkleuren. Deze soort staat graag zonnig en in een vochtige bodem, maar ook aan zee en in drogere gronden houdt dit struisriet stand. In de vroege lente kan je de uitgebloeide stengels wegknippen en een lichte bemesting aan de plant geven.

Een andere sterke en decoratieve plant in deze tuin is Euphorbia characias ssp wulfenii. Deze wolfsmelk behoort tot een plantengeslacht waarvan wereldwijd meer dan 2.000 soorten voorkomen. Deze soort heeft blauwgroene lancetvormige bladeren en bloeit in de vroege zomer met gele bloemen die omgeven zijn door opvallend geelgroene schutbladeren. Het wordt een tamelijk grote plant (ca. 1 m in hoogte en omtrek) die zowel solitair als in groep een mooie aanwinst is. De bloemen kunnen in een boeket worden verwerkt, maar pas op voor huidcontact met het giftige witte melksap dat uit de plant komt. Om allergische reacties te vermijden draag je best beschermende handschoenen.

Niemand wenst wilde distels in de tuin. Nochtans zijn er enkele variëteiten die meer dan de moeite waard zijn. De kogeldistel (Echinops ritro) is er zo eentje. Deze distel draagt staalblauwe bolvormige bloemhoofdjes die bestaan uit honderden kleine stervormige bloempjes. De bladeren zijn stekelig en diepingesneden. De kogeldistel wordt circa een meter hoog. Bij bijen en vlinders is de plant zeer in trek.

Stipa tenuissima of vedergras behoort tot de grote familie van de ‘echte grassen’ of Poaceae. Dit siergras behoudt ook tijdens de strenge wintermaanden zijn bladkleur. Het tooit zich met vederlichte witte tot zilverachtige bloemaren die in de wind zeer wendbaar zijn. Stipa verdient een plek in de volle zon en een goed drainerende, droge bodem.

Tussen de stapstenen naast het vijvertje koos Christoph voor Leptinella squalida, een tedere bodembedekker met kleine varenachtige blaadjes. Voorheen heette dit plantje Cotula. Het koperknoopje wordt niet hoger dan 7 cm en draagt tijdens de zomermaanden kleine, asterachtige gele bloemetjes. In de winter behoudt het koperknoopje zijn kleur. Sneeuw en regen zijn evenwel niet zijn beste vrienden, maar een goed gedraineerde bodem en voldoende vocht zorgen voor het beste resultaat. Het eerste jaar na aanplant kan het verwijderen van grasjes en kleine onkruidjes wel wat werk bezorgen, maar eenmaal de zoden zijn dichtgegroeid, krijgt onkruid nog nauwelijks een kans”, klinkt de welluidende uitleg van de jury.

Tot slot brengt Sara Van Ende, directrice van het wzc Hof Ter Bloemen in Heusden-Zolder, een oprechte hulde aan de amper 19-jarige Joachim Lamberts van Garden Passion uit Wuustwezel, die met onaflaatbare inzet in zijn eentje het buitengroen van dit centrum fatsoeneerde en opnieuw tot een juweeltje maakte.

 

 

AANBESTEDINGEN
Alle aanbestedingen

Meest aanbevolen artikels

De certificatie van verhuurbedrijven is een feit

Publireportage

De certificatie van verhuurbedrijven is een feit

Op 1 oktober 2017 werd het reglement voor de certificatie van verhuurbedrijven, het TRA 550/L (delen PL en EL), gepubliceerd door Be-Cert. Onder het goedkeurende oog van het Bestuurscomité voor de certificatie van Beton. Met mondjesmaat[…]

23/10/2018 | BeurzenConcrete Day
Bouwunie meet een fitte bouwsector

Bouwunie meet een fitte bouwsector

Circulair bouwen in de praktijk

Circulair bouwen in de praktijk

Vrachtwagenproducenten tekenen present op We Are Transport

Vrachtwagenproducenten tekenen present op We Are Transport

Meer artikels