Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Vlaamse circulaire-economieprojecten uit de startblokken

Vlaamse circulaire-economieprojecten uit de startblokken

© ©sveta - stock.adobe.com

In 2017 kregen 70 nieuwe circulaire-economieprojecten steun van de Vlaamse overheid, goed voor een totaalbedrag van 10,7 miljoen €. Vlaams minister van Omgeving Joke Schauvliege maakte 4,8 miljoen € vrij voor 63 projecten en Vlaams minister van Werk, Economie en Innovatie Philippe Muyters trok 5,9 miljoen € uit voor zeven circulaire economieprojecten binnen de speerpuntclusters.

Circulaire economie is één van de zeven ‘transitieprioriteiten’ van de Vlaamse regering, waarvoor Philippe Muyters en Joke Schauvliege de voogdijministers zijn. Het team Vlaanderen Circulair, dat de omslag naar de circulaire economie moet stimuleren, is ondergebracht bij de OVAM.

Vlaanderen Circulair lanceerde in de zomer van vorig  jaar een subsidieoproep voor projecten rond Circulaire Stad, Ondernemen en Aankopen. De oproep wil vooral demonstratieprojecten op het vlak van circulair aankopen, de circulaire stad en circulair ondernemen een duwtje in de rug geven. De focus ligt hierbij op de toepassing en demonstratie van circulaire concepten in de praktijk. Er is ook veel aandacht voor maatschappelijke innovatie.

Het team Vlaanderen Circulair bij de OVAM ontving in drie maanden tijd 134 projectvoorstellen. 63 projecten uit heel Vlaanderen en in diverse sectoren - van technologie over landbouw tot non-profit - ontvangen nu projectsubsidies. De projecten zijn inmiddels gestart. Maximum 80% van de projectkosten wordt gesubsidieerd, met een maximaal subsidiebedrag van 100.000 €. Het globale projectbudget mag het bedrag van 125.000 € overschrijden, maar geeft geen recht op bijkomende subsidies. De gesubsidieerde projecten moeten afgelopen zijn vóór eind 2019. 23 projecten krijgen een ‘herkansing’ en maken dit jaar alsnog kans op steun.

Ook minister van Economie en Innovatie Philippe Muyters maakte middelen vrij voor zeven circulaire-economieprojecten binnen de speerpuntclusters Catalisti, SIM en Flanders Food (dit zijn groepen van bedrijven die zich bundelen rond een gedeelde innovatie-strategie). De steun gaat naar strategisch basisonderzoeken, onderzoek en ontwikkeling van bedrijven in samenwerking met kennisinstellingen; collectieve kennisopbouw en -overdracht voor innovaties met bijzondere focus op kmo’s  en haalbaarheidsstudies voor innovatietrajecten. Hierna een greep uit de verschillende trajecten.

Multifunctioneel centrum

Op de site van de Berg van Termunt in Tervuren wil het gemeentebestuur een nieuw multifunctioneel en circulair gebouw neerzetten. In het gebouw zullen de plaatselijke voetbalvereniging en het jeugdhuis terechtkunnen. Ook andere verenigingen of privé-initiatieven kunnen er gebruik van maken. Voor de bouw gebruikt de gemeente onderdelen die later hergebruikt of hoogwaardig gerecycleerd kunnen worden. Na gebruik binnen enkele decennia moet het gebouw gedemonteerd kunnen worden.

Limburg bouwt circulair

De provincie Limburg bouwt op de vroegere mijnsite van Zwartberg een nieuwe multifunctionele oefenhal voor het opleidings- en trainingscentrum PLOT. Dat gebeurt op een circulaire manier. De bouwmaterialen van Provincie Limburg Opleiding en Training (PLOT), het opleidings- en trainingscentrum voor politie, brandweer en ambulancediensten, moeten bij de sloop opnieuw en zonder kwaliteitsverlies in de keten kunnen worden gebracht. Dat vraagt een flexibel ontwerp, maar ook een inspanning van de andere actoren in de keten zoals fabrikanten, wetgevers, opdrachtgevers, aannemers en slopers.

De provincie wil de kennis die ze hier opdoet breed verspreiden. De afdeling Milieu en Natuur zal in samenwerking met Dubolimburg workshops organiseren. Dubolimburg, het provinciaal steunpunt duurzaam bouwen en wonen, is de Limburgse adviespartner inzake duurzaam bouwen voor vijf doelgroepen: particulieren, overheden, professionals, ngo’s en onderwijsinstellingen.

Polyethyleen buizen

Eandis zal tegelijk buizen in polyethyleen aankopen en transporteren voor verschillende nutsbedrijven zoals Farys, Ores en Sibelga. Door de aankopen te bundelen, wil Eandis testen of het leveranciers meer in de richting van circulariteit en recyclage kan bewegen. Het wil uit deze case leren hoe het de ideeën van de circulaire economie ook kan toepassen in toekomstige dossiers.

Concreet wil Eandis in deze case voorzien dat de gegunde leveranciers maximaal inzetten op het recycleren van resten van polyethyleen (pe-buizen en pe-hulpstukken, vervallen pe-buizen en mogelijks uitgegraven pe-buizen en toebehoren, bij voorkeur in hun eigen productieproces.

Met dit project onderzoekt Eandis hoe het circulaire principes in de bestekken kan opnemen, o.a. bij de selectie-, de gunnings- en de verwerpingscriteria. Het uiteindelijke doel is een raamwerk te creëren om circulair aankopen in te voeren voor alle mogelijke artikels, rekening houdend met de wetten op overheidsopdrachten.

Delen van bouwmateriaal en -materieel

Bouwbedrijven blijven vaak zitten met overschotten van ruwbouw- en afwerkingsmaterialen. Ze gebruiken hun werfmaterieel ook niet continu. De smartphone-app XChange wil een platform bieden waar ze infrastructuren, materiaal en uitrusting kunnen delen. Alle leden van de Vlaamse Confederatie Bouw zullen de app kunnen gebruiken. Het resultaat: minder verspilling van restmateriaal en minder uitstoot en afval. Voorts helpt de app bij een optimale inzet van alle werkingsmiddelen op de verschillende bouwwerven in een bepaalde regio en dat kan een belangrijke besparing opleveren. Besix Infra treedt op als partner bij dit project.

Circulaire infrastructuurwerken

De stad Antwerpen wil onderzoeken of het mogelijk is om infrastructuurwerken op een circulaire manier te realiseren. De resultaten wil ze toepassen bij de bouw van een fietsbrug over de Ring. De fietsbrug trekt de geplande fietsostrade tussen Antwerpen en Lier verder door richting stadscentrum. Zo kunnen fietsers, via een fietsbrug naast de huidige spoorwegbrug over de Ring en over de Singel, vlot en veilig doorrijden naar het fietspad langs de Singel of het station Antwerpen-Berchem. Afhankelijk van de concrete plannen voor de overkapping van de Antwerpse Ring kan de geplande fietsbrug op termijn een andere locatie krijgen.

Vragen die daarbij rijzen, zijn: hoe maken we de gebruikte materialen en de bouwwerf zo duurzaam mogelijk? Hoe nemen we dit als een objectief en meetbaar gunningscriterium op in de aanbesteding? En kan een brug over de Ring zo gebouwd worden dat ze later nog een andere bestemming of plaats kan krijgen of gedemonteerd kan worden? Partners in dit project zijn het departement Mobiliteit en Openbare Werken (Vlaamse overheid), de provincie Antwerpen en Infrabel.

Living lab

Cirkel Sector Genk is een living lab met als missie het documenteren van materialen en kennis uit Genk (Cirkel Sector BIB), het ontwerpen van duurzame materiaaltoepassingen (Materiaal LAB) en circulaire diensten (Dienst LAB), en het ontwikkelen en testen van circulaire businessmodellen (Pilootprojecten).

Steenkoolmijnen en autobouwers behoren tot het industriële verleden van Genk. Cirkel Sector toont de toekomstvisie van Genk als circulaire stad. Deze visie werd neergeschreven in het beleidsrapport RE-MINE Poort Genk. Dat wil de (logistieke) verbindingen tussen bedrijven en bedrijfslocaties verbeteren zodat de economische activiteiten beter kunnen aansluiten op de stedelijke dynamiek. Dat zorgt voor een hoge ruimtelijke efficiëntie, met gesloten energie- en materialenstromen en mobiliteit.

Genk staat bekend als kenniscentrum voor de maakindustrie, de logistieke en de designsector. De stad is ook een hub voor natuurlijke en industriële materiaalstromen. Kennis en materialen zijn al aanwezig, dus de volgende stap is het op- en uitbouwen van Cirkel Sector Genk. De LUCA School of Arts realiseert dit project met als partners de Katholieke Universiteit Leuven, Stebo, Ikea Distribution Benelux, BOS+ tropen en de UHasselt.

Pooling van herbruikbaar sanitair

Rotor Deconstruction wil recent kwalitatief sanitair recupereren uit verbouwingen en het klaarmaken om te hergebruiken. Bij de verbouwing van kantoorruimtes wordt keramisch sanitair afgevoerd als afval, samen met de materialen van de binnenafwerking. Nochtans gaat het vaak om toestellen die goed onderhouden werden en nog perfect functioneren. In de nieuwe kantoren komt bijna identiek sanitair in de plaats.

De huidige sector is er immers niet op voorbereid om de uitgebroken toestellen opnieuw te installeren. Rotor Deconstruction wil een dienstverlening uitbouwen rond de pooling van herbruikbaar sanitair. Samen met immobiliënpartner Cofinimmo zoekt het een ontmantelingswerf als testcase. RotorDC zal het materiaal demonteren en voorbereiden voor hergebruik. Het project moet nagaan of dit dienstverleningsmodel technisch en economisch haalbaar is.

Circulaire stad

Het Open Promotor Platform zoekt duurzame strategieën om de levenscyclus van de bebouwde omgeving te verbeteren. In een circulaire economie moeten niet enkel materialen maximaal gerecupereerd worden, maar ook de bebouwde ruimte. De behoefte aan ruimte wordt al te vaak vertaald in extra kubieke meters en nieuwe gebouwen, in plaats van het potentieel van het bestaande patrimonium te herontdekken.

Het laagdrempelige Open Promotor Platform Endeavour bundelt de mogelijkheden en concrete instrumenten om gebouwen op een coproductieve, open source en duurzame manier te herprogrammeren. Het richt zich tot burgers, bedrijven en overheden. Op die manier stimuleert het nieuwe multidisciplinaire samenwerkingsvormen die kansen bieden voor (combinaties van) programma’s en invullingen, gekoppeld aan innovatieve businessmodellen, die vaak geen plek vinden op de reguliere vastgoedmarkt. Dat resulteert op zijn beurt in meer veerkrachtige en diverse steden. Partners zijn Bagaar, 51N4E, RE-ST en PDG.

Circulair zorgwonen

In Toontjeshuizen wonen mensen met een beperking. Hun geluk en kwaliteit van leven staan er centraal. Het nieuwe concept wil een modelvoorbeeld zijn van circulair zorgwonen. In Toontjeshuizen hebben de bewoners een privéstudio en zijn er ruimtes die ze delen. Ze worden er deskundig begeleid. Vijftien partners bundelen hun expertise om een nieuw concept voor circulair zorgwonen uit te werken: Social Impact Fonds Toontjeshuis, Toontjeshuizen, bouwbedrijf Durabrik en energieaannemer Ecopuur, in cocreatie met negen Vlaamse zorgpartners en in samenwerking met het centrum zorgtechnologie van de Universiteit Antwerpen en de vakgroep Orthopedagogiek van de UGent.

Ze zetten in op alternatief grondbezit en eigenaarschap, bv. erfpacht, cohousing met dienstverlening of het gratis ter beschikking stellen van (een deel van) het vastgoed en een modulair duurzaam bouwsysteem met zero waste en aanpasbaar aan de wisselende noden van de bewoners en energie als een service. De resultaten van het onderzoek worden meteen toegepast op de Toontjeshuizen en gedeeld met de hele zorgsector.

Hergebruik van bouwelementen

Het doel van dit project is meer bouwelementen te hergebruiken in de bouwindustrie in Vlaanderen. In Vlaanderen zijn vandaag meer dan 80 bedrijven gespecialiseerd in de ontmanteling en het hergebruik van bouwelementen. Zij willen het hergebruik in de huidige bouwpraktijk verankeren en voeling krijgen met een nieuwe generatie professionelen. Minstens even belangrijk is om hun inspanningen zichtbaar te maken en te verspreiden.



De vzw Rotor wil al deze uitdagingen aanpakken. Ze start op Vlaams niveau met een onderzoeks- en sensibiliseringscampagne over het onderwerp. Dat kan door inspirerende voorbeeldprojecten te publiceren, door de website Opalis.be te updaten (waar aannemers, architecten en gebouweigenaars die met gebruikte materialen willen werken elkaar vinden en door een studiedag te organiseren. Het tweede luik bevat het cofinancieren van een interregionaal samenwerkingsproject over het hergebruik van bouwmaterialen en -componenten in het kader van een Interreg North-West Europe projectoproep. Zo komt er een samenwerking op een bredere geografische schaal en op langere termijn.

Lager grondstoffengebruik

Het project Circulaire Gemeente voor de Toekomst helpt om de volgende vijf jaar intensief in te zetten op een hoger ruimtelijk rendement en een lager grondstoffengebruik.Elke dag gaat ongeveer zes hectare open ruimte op de schop. Tegelijk gaat 40% van de materiaalstromen naar bouwprojecten. Dat moet drastisch verminderen. Dat is het doel van dit project van de Bond Beter Leefmilieu Vlaanderen, de Vlaamse Vereniging voor Ruimte en Planning en de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten.

Voor verschillende types van leegstand werken deze organisaties operationele modellen uit voor een circulaire herbestemming. Ze doen daarbij aanbevelingen voor de circulaire aankoop van bouw- en inrichtingsmaterialen. Een innovatief samenwerkingsmodel met verenigingen, bewoners, stedenbouwkundigen, gemeenten en sectororganisaties vormt de basis voor creatieve workshops en ontwerpend onderzoek over de circulaire toekomst van ruimte en infrastructuur. Over de resultaten komt er een inspiratieboek en een congres. Via het programma Gemeente voor de Toekomst werkt het project door naar alle Vlaamse lokale besturen.

Nieuwe rijweg uit oud materiaal

In dit baanbrekende project vervangt Wegenbouw De Brabandere een landbouwweg door een nieuwe weg in 100% gerecycleerd materiaal. Het innovatieve hierbij is dat er geen afval wordt geproduceerd omdat het materiaal dat vrijkomt bij het uitbreken van de landweg, zoals beton, fundering en aarde, ter plaatse volledig hergebruikt wordt. Het beton dat gestort zal worden, bestaat voor de helft uit het gerecycleerde beton uit de oude weg.

Het bedrijf werkt 100% circulair en beperkt ook de ontginning van natuurlijke grondstoffen tot een minimum. Een bijkomende troef is dat het wegennet wordt ontlast en dat er minder CO2 wordt geproduceerd. De Circulaire Weg kan als voorbeeld dienen voor de volgende generaties. Dit kleine project kan zorgen voor een grote verandering.

Bouwmaterialen van staalslakken en CO2

Het project Stapsteen naar een circulaire stad wil het gebruik van Carbstoneproducten, gemaakt met lokale grondstoffen, demonstreren in de stad Gent. De innovatieve Carbstone-technologie maakt duurzame bouwmaterialen van staalslakken en CO2, twee afvalstromen. Op deze manier worden materiaalkringlopen slim gesloten en dat heeft een positieve impact op het milieu en op de economie.

In het project van de stad Gent wordt gekeken naar de mogelijke impact op technisch vlak, maar ook naar de randvoorwaarden op het gebied van logistiek, organisatie, milieu en gezondheid. Cruciaal is de samenwerking tussen verschillende schakels in de lokale waardeketen.

De projectpartners (VITO, Orbix, Peter Stouthuysen, Universiteit Gent) zullen de opgedane kennis en ervaring gebruiken om het vertrouwen van ondernemers in nieuwe technologie te versterken. Zo vormt dit project een stapsteen op weg naar de verdere uitbouw van de circulaire economie.

Herbestemming van studentenkoten

Acht bestaande, modulaire studentenkoten op de campus van de Vrije Universiteit Brussel krijgen een make-over als Circular Retrofit Lab, een experimenteerplek om circulaire concepten te ontwikkelen met studenten, onderzoekers en bouwpartners. Dit project geeft ook een impuls aan een circulaire renovatie van de volledige campus, want het toont hoe studentenkoten kunnen worden aangepast aan veranderende noden en functies. Gevelelementen, technieken en interieur zijn (her)monteerbaar, aanpasbaar en herbruikbaar, en er is geen sloopafval.

Met de bouwpartners (VITO, MK Engineering, Zehnder Group Belgium) worden nieuwe businessmodellen ontwikkeld om duurzame bouwmaterialen en installatietechnieken als een dienst aan te bieden. Als deelnemer aan de Green Deal Circulair Aankopen kan de VUB deze initiatieven voort opschalen. De bevindingen van het Retrofit Lab worden in een tentoonstelling voorgesteld in het lab zelf, gepresenteerd als een case van Vlaanderen Circulair, verwerkt in opleidingselementen voor studenten, en verspreid via een projectwebsite, in persartikels en in de vakmedia.

Tijdelijke aanpassing van de woning

Voor mensen die hun woning tijdelijk moeten aanpassen voorziet het project Benidorm Builders standaardmodules die gemakkelijk ingebouwd en na gebruik ook vlot weer weggehaald kunnen worden. Deze modules kunnen buiten of in de woning staan en telkens opnieuw ingezet worden. De woning behoudt haar waarde. De gebruiker is geen eigenaar van de modules, maar huurt ze. Het project schakelt zich in in de sociale economie: een belangrijk deel van de dienstverlening zal gebeuren door doelgroepmedewerkers, en de beoogde gebruikers zijn vooral minder bemiddelde mensen, die dan niet hoeven te verhuizen naar een instelling.

Voor de productontwikkeling tekenden Axxis en Thomas More. Het maatwerkbedrijf Kunnig staat in voor de productie van de panelen en de montage van de modules, en Pegode vzw zorgt voor reiniging en onderhoud. Axxis (Social Grow Session) bedacht ook het businessmodel. Na de verdere ontwikkeling tot monteerbare modules komt er een presentatieronde voor bijvoorbeeld OCMW’s.

Alternatief voor lichte interieurwanden

JuuNoo is een lichte interieurwand die je niet sloopt als hij niet meer nodig is, maar demonteert en herplaatst. Elke interieurwand is tijdelijk. Van welk type ook, na een bepaalde periode wordt hij weggehaald en komt er een nieuwe. Het telkens opnieuw bouwen en slopen heeft een zware ecologische impact. Het vraagt ook een grote investering in tijd en middelen van de bouwheer.

De herbruikbare wand van JuuNoo laat zich drie keer sneller plaatsten dan de klassieke gipsplaat-wand. Hij heeft een hogere kwaliteit, onder meer door de betere akoestiek en de langere levensduur. De volledige wand kan gedemonteerd en in een andere configuratie herbouwd of verkocht worden. De initiële focus van JuuNoo ligt op de kantoormarkt en de niche van co-working spaces. Daar is het financiële voordeel van het hergebruik maximaal. Zo zal het systeem na drie keer herplaatst te zijn tot 50% goedkoper zijn dan een klassieke opbouw en sloop met gipsplaat.

In samenwerking met circulair laboratorium De Potterij in Mechelen, aannemer Kint Construct en de stad Kortrijk zal het bouwsysteem aan verschillende praktijkvoorwaarden worden getoetst. Deze experimenten evalueren de kwaliteit en het circulaire karakter van het JuuNoo-systeem. De resultaten zullen openbaar worden gemaakt.

Publieke gebouwen circulair renoveren

Om Vlaamse publieke gebouwen maximaal circulair te renoveren, ontwikkelt Factor4, gespecialiseerd in energiebesparingsprojecten, een innovatief modelcontract en de bijbehorende aanbestedingsdocumenten. Dat gebeurt in samenwerking met de Vrije Universiteit Brussel, Transform part of æ-lab en het Vlaams Energiebedrijf. Het project CiRe (Circulair Renoveren) zal het modelcontract gebruiken bij concrete projecten van energierenovatie. Concreet gaat het om een drietal Vlaamse gebouwenpartners, goed voor ongeveer 24 gebouwen. Op die manier worden de Europese CO2-reductiedoelstellingen gehaald.

Om bijkomende expertise te genereren organiseert CiRe daarnaast workshops met gereputeerde technische en beleidsexperts. Dat moet een draagvlak creëren en de knowhow in een vroeg stadium verspreiden naar de markt. Na het CiRe-project kunnen het Vlaams Energiebedrijf en de marktpartijen het concept van circulair renoveren, de modelcontracten en de tools inzetten op een grotere schaal.

Bouwmaterialen van uitgegraven grond

Het project ‘Grondstof’ maakt van uitgegraven bouwgrond circulaire bouwmaterialen, zoals leemstenen, stampleem en leempleisters. Na gebruik kunnen ze opnieuw als grond gebruikt worden of een nieuw leven krijgen als bouwmateriaal in een oneindig circulair proces. Om te bouwen moet er eerst grond worden uitgegraven. Vlaanderen graaft elk jaar 21 miljoen ton uit. Ongeveer 75% daarvan is onvervuild. Toch wordt 40% van deze grond gebruikt voor laagwaardige toepassingen in de wegenbouw of gedumpt in groeves.

BC architecten wil het roer omgooien en er een circulaire bouwstof van maken. Daartoe verenigen ze belangrijke partners uit de ketens van grondverzet en aardebouw in een coöperatieve. Het gaat om Het Leemniscaat, het Vlaams Architectuur Instituut, De Meuter, Technologiecampus Gent en de KU Leuven. Ze laten hen samenwerken aan dit architecturale pilootproject. Er komen ook toonmomenten.

Hergebruik verpakkingsfolie op bouwwerven

Het afvalverwerkingsbedrijf VAL-I-PAC wil met het project Clean Site Circulair verpakkingsfolie op bouwwerven inzamelen, lokaal recycleren en opnemen in een lokaal circulair model. Hoe maken we de verpakkingen voor bouwproducten ecovriendelijker? Op welke manier zamelen we ze optimaal in en aan welke normen moeten ze voldoen? Hoe raken ze op de beste manier bij de recycler? Wat zijn de standaarden voor de gerecycleerde kunststofkorrels?

Over al deze stappen maken de partners (Go4circle, Fema/Feproma, Wienerberger) van Clean Site Circulair afspraken. Er moeten nieuwe samenwerkingsverbanden komen met de fabrikanten en de gebruikers van de verpakkingen, de handel, de bouwbedrijven en de recyclagesector. Nieuwe verdienmodellen moeten het project leefbaar maken voor de hele waardeketen. Omdat VAL-I-PAC al sinds zijn ontstaan goede banden heeft met de verschillende bedrijfssectoren kan het project gemakkelijk uitgebreid worden.

Openbare zitbanken als een dienst

Duurzame zitbanken voor de openbare ruimte: kan het projectontwerp, de plaatsing, het onderhoud en de terugname ervan als een dienst worden aangeboden aan steden en gemeenten? Dit project onderzoekt het. ECO-oh! Distribution bvba maakt dit soort straatmeubilair sinds 1989. Het bestaat voor 100% uit gemengde huishoudelijke restplastics, afzonderlijk ingezameld door meer dan twee miljoen Vlamingen. Het bedrijf recycleert ook zijn eigen producten: in een volwaardige circulaire economie is dat de verantwoordelijkheid van de leverancier.

Tot nog toe verkocht ECO-oh! de zitbanken aan steden en gemeenten, die zelf instonden voor gebruik en onderhoud. Nu wil het bedrijf samen met Belfius Bank en Belfius Lease een model uitwerken waarin de gebruiker niet betaalt voor het bezit, maar alleen voor het zitcomfort. Er wordt nagegaan met welke bestaande of nog te ontwikkelen modellen en formules dat kan om zowel financieel, praktisch als commercieel werkbaar te zijn.

Recycleerbare signalisatie

ReDESign wil nagaan hoe duurzaam het materiaal is waaruit fysieke dragers voor communicatie, signalisatie en promotie zijn gemaakt. Tot nu toe werd daar weinig aandacht aan besteed door de bedrijven en openbare instellingen die dit soort communicatiemiddelen gebruiken. Het project wil ook meer circulaire alternatieven aanreiken en toepassen.

Voor de realisatie slaan Karakters bvba (als printspecialisten), de UGent (als onderzoeksinstelling en proefomgeving) en de stad Gent (als proefomgeving) de handen in elkaar. Het project bekijkt welke materialen vervangen kunnen worden en welke alternatieven er zijn. Daar komen materiaalonderzoek en praktijktesten in een living lab bij kijken. De impact zal worden bestudeerd en de opgedane kennis uitgebreid gedeeld.

AANBESTEDINGEN
Alle aanbestedingen

Meest aanbevolen artikels

Kachelproducent wil fijnstof verminderen

Kachelproducent wil fijnstof verminderen

Consumenten kunnen hun oude kachel bij kachelproducent Dovre inruilen voor een milieuvriendelijk exemplaar. Met deze omruilactie, die eind vorig jaar startte, wil het bedrijf een handje helpen om het fijnstof in ons land te verminderen.[…]

Asbestinventaris biedt verschillende voordelen

Asbestinventaris biedt verschillende voordelen

Recyclagebedrijf Metallo neemt unieke plasmaoven in gebruik

Recyclagebedrijf Metallo neemt unieke plasmaoven in gebruik

Compacte woon- en werkunits in houtskeletbouw

Compacte woon- en werkunits in houtskeletbouw

Meer artikels