Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Verbetering hoeveelheden van meetstaat

Gerelateerde onderwerpen :

Het is onze lezers ongetwijfeld goed bekend dat de inschrijvers, wanneer zij een offerte opmaken in het kader van een aanbesteding of een offerteaanvraag, de forfaitaire en de vermoedelijke hoeveelheden van de meetstaat moeten controleren en desgevallend verbeteren. Minder bekend is dat de aanbestedende overheid dergelijke verbeteringen grondig moet nazien, desgevallend wijzigen volgens haar eigen berekeningen en in elk geval motiveren waarom zij een bepaalde wijziging al dan niet aanvaardt.

Een inschrijver moet, rekening houdende met de opdrachtdocumenten, zijn beroepskennis of persoonlijke vaststellingen, verbeteringen door voeren voor:

1° de fouten die hij ontdekt in de forfaitaire hoeveelheden;

2° de fouten die hij ontdekt in de vermoedelijke hoeveelheden, op voorwaarde dat de voorgestelde verbetering minstens 25% in meer of in min van de hoeveelheid van de post in kwestie bedraagt;

3° de leemten in de samenvattende opmeting.

Hij voegt bij zijn offerte een nota ter verantwoording van deze verbeteringen (art. 83 § 2 kb 15 juli 2011).

Deze bepaling was voorheen enkel toepasselijk op de opdrachten voor werken. Thans geldt zij ook voor de opdrachten voor leveringen en diensten, met dien verstande weliswaar dat voor deze opdrachten de verbetering van de fouten in de forfaitaire en vermoedelijke hoeveelheden enkel toegelaten is indien de opdrachtdocumenten hiertoe uitdrukkelijk de toestemming geven (art. 84 § 2, 1° kb 15 juli 2011). De leemten in de inventaris voor een opdracht voor leveringen of diensten mogen sowieso aangevuld worden (art. 84 § 2, 2° kb 15 juli 2011).

Voor een opdracht voor werken is de verbetering van de vermoedelijke hoeveelheden slechts mogelijk op voorwaarde dat de voorgestelde wijziging tenminste 25% in meer of in min van de hoeveelheid van de post in kwestie bedraagt (art. 83 § 2, 2° kb 15 juli 2011). Onder de vorige reglementering was deze grens 10% en konden ook voor opdrachten voor werken de vermoedelijke hoeveelheden enkel verbeterd worden indien de opdrachtdocumenten de verbetering uitdrukkelijk toestonden. Deze voorwaarde is thans niet meer van toepassing voor de opdrachten voor werken.

Voor de opdrachten voor leveringen en diensten is de verbetering enkel mogelijk, indien de opdrachtdocumenten hiertoe uitdrukkelijk de toestemming geven (art. 84 § 2, 1° kb).

Ook bij de verbetering van de vermoedelijke hoeveelheden moet de inschrijver bij zijn offerte een nota voegen waarin de verbetering wordt verantwoord. Het ontbreken van deze verantwoordingsnota heeft niet ipso facto de onregelmatigheid van de offerte tot gevolg, De aanbestedende overheid heeft ter zake een zekere appreciatiebevoegdheid: zij kan ofwel de offerte als regelmatig behouden, doch weigeren rekening te houden met de verbetering, ofwel de offerte in haar geheel als onregelmatig verwerpen.

Vermindering tot nul

Een recent arrest van de Franstalige kamer van de Raad van State (nr. 229.590, 17 december 2014) verschaft enkele bijkomende inzichten. Het arrest bevestigt dat geen enkele bepaling een inschrijver verbiedt de vermoedelijke hoeveelheid van een post op een significatieve wijze te verminderen, zelfs tot nul, indien dit verantwoord is door een flagrante vergissing in de hoeveelheden van de post.

Dergelijke verbetering heeft niet tot gevolg dat de post verdwijnt. Deze post blijft in de meetstaat bestaan en de door de inschrijver ingevulde (nul)prijs wordt forfaitair, in de mate dat de aanbestedende overheid de vermindering aanvaardt (art. 97 § 2 kb 15 juli 2011). De inschrijver draagt de volle verantwoordelijkheid voor zijn eventuele onderschatting van de aldus verminderde hoeveelheid, want hij zal in dat geval de werkelijke hoeveelheid moeten uitvoeren tegen een (nul)prijs die forfaitair is geworden. Indien de hoeveelheid van een post wordt herleid tot nul neemt de inschrijver dus een belangrijk risico op zich.

De aanbestedende overheid mag ook niet zonder slag of stoot de door een inschrijver voorgestelde verbeteringen aanvaarden. Zowel in de aanbesteding (artikel 97 § 2 kb) als in de offerteaanvraag (artikel 98 § 2 kb) schrijft het kb van 15 juli 2011 (plaatsing) voor dat de aanbestedende overheid de wijzigingen naziet, zo nodig verbetert volgens haar eigen berekeningen en eventueel de offertes van de andere inschrijvers aanpast.

Deze aanpassing van de andere offertes is verschillend naargelang het gaat om een aanbesteding of een offerteaanvraag. Het belangrijkste verschil ligt hierin dat in het geval van een aanbesteding de hoeveelheden die kleiner zijn dan de oorspronkelijke (in de mate dat ze worden aanvaard door de aanbestedende overheid) alleen ten goede komen aan de inschrijver die de vermindering heeft gemeld, tenminste met het oog op de rangschikking van de offertes. Met het oog op het sluiten van de overeenkomst worden ook in de aanbestedingsprocedure de verbeterde hoeveelheden, zoals ze werden aanvaard, aangebracht in alle offertes.

In de offerteaanvraag worden daarentegen de opmetingen en inventarissen altijd aangepast aan de verbeterde hoeveelheden die door de aanbestedende overheid zijn aanvaard, ongeacht of het een vermindering of een vermeerdering van de hoeveelheid betreft. Er is geen tussenstap met het oog op de rangschikking van de offertes.

Het is vooral in een aanbestedingsprocedure dat het belang van een voldoende motivering zich opdringt. Wanneer de aanbestedende overheid de vermindering van een hoeveelheid, zoals voorgesteld door een inschrijver, aanvaardt, dan kan dit een beslissende invloed hebben op de rangschikking. De verminderde hoeveelheid komt immers enkel ten goede aan de inschrijver die ze gemeld heeft, waardoor hij de laagste inschrijver kan worden in de rangschikking.

Motivering noodzakelijk

Maar voor beide gunningsprocedures geldt in elk geval dat de aanbestedende overheid de voorgestelde wijzigingen goed moet nazien, eventueel verbeteren en alleszins in het gunningsverslag motiveren waarom zij een bepaalde wijziging al dan niet aanvaardt.

Hogervermeld arrest van de Raad van State wijst er op dat - indien de aanbestedende overheid de door een inschrijver voorgestelde wijziging van de hoeveelheden van een post aanvaardt zonder deze te verbeteren - zij er niet toe gehouden is haar eigen berekeningen voor te leggen. Het is enkel in de hypothese, waarin zij de door de inschrijver voorgestelde wijzigingen op haar beurt verbetert, dat de aanbestedende overheid - volgens artikel 97, § 2, eerste lid kb 15 juli 2011 - deze verbetering moet uitvoeren volgens haar eigen berekeningen. In casu moesten deze dus niet worden voorgelegd, want de verbetering door de inschrijver werd volledig aanvaard.

Niettemin is het vereist dat de aanbestedende overheid, wanneer zij de voorgestelde verbeteringen aanvaardt, geen manifeste beoordelingsfout begaat en dat zij deze verbetering motiveert conform de toepasselijke wettelijke bepalingen. In deze zaak had de aanbestedende overheid een door een inschrijver gewijzigde hoeveelheid aanvaard en daaromtrent in het aanbestedingsverslag vermeld: '[De wijziging] heeft betrekking op de fundering van de lineaire elementen. Deze post zal niet gebruikt worden want de lineaire elementen zijn geplaatst op de sandwichlaag' (vertaling).

Tijdens de procedure voor de Raad van State (zelfde arrest) werd een betere omschrijving gegeven: de vermindering betrof de hoeveelheden mager beton voor de greppels langs de weg, vermits deze hoeveelheid reeds was opgenomen in een andere post van de meetstaat. De Raad was van mening dat - wanneer de uitleg in het aanbestedingsverslag niet toelaat te begrijpen waarom de hoeveelheid van een bepaalde post kan verminderd worden en dat een verantwoording hiervan slechts op een klare wijze wordt gegeven tijdens de verhaalprocedure (door de post aan te duiden, waarin de hoeveelheden reeds waren opgenomen) - de kwestieuze beslissing op zich onvoldoende gemotiveerd is. De Raad schorste dan ook de gunningsbeslissing van de opdracht.

Nu is het wel zo dat artikel 4, eerste lid van de wet van 17 juni 2013 betreffende de informatie, de motivering en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten een opsomming bevat van de gevallen waarin een gemotiveerde beslissing moet worden opgemaakt, en dat de beslissing in verband met de aanvaarding of verwerping van verbeterde hoeveelheden daarin niet wordt vermeld. Men mag evenwel niet uit het oog verliezen dat een meer algemene wet, met name de wet van 29 juli 1991 betreffende de motivering van bestuurshandelingen, ook een motiveringsplicht oplegt voor alle administratieve rechtshandelingen die een weerslag kunnen hebben op de subjectieve rechten van een rechtsonderhorige. En dat was in deze zaak het geval, vermits de betrokken beslissing een directe invloed had op de uitslag van de aanbesteding.

Dus: motiveren is de boodschap!

WILLY ABBELOOS

Meer over deze materie, lees je in Kroniek Overheidsopdrachten (auteur Willy Abbeloos), een uitgave van Bouwkroniek/EBP, 2014, deel I en II, (295 ', inclusief 6% btw ' exclusief 15 ' verzendkosten) te bestellen via consult@ebp.be.

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

Wooncontainers moeten beschouwd worden als onroerende goederen

Wooncontainers moeten beschouwd worden als onroerende goederen

De vastgoedmarkt wordt op inventieve wijze geconfronteerd met budgetvriendelijkere alternatieven zoals containers waarin scholen, kantoren en zelfs woningen worden ondergebracht. Hoewel deze vorm van huisvesting en accommodatie gepaard gaat met[…]

Cassatie verduidelijkt buitengerechtelijke vervanging en matiging van vertragingsboetes

Cassatie verduidelijkt buitengerechtelijke vervanging en matiging van vertragingsboetes

Samenvoegen en clusteren van posten

Samenvoegen en clusteren van posten

Tips & Tricks van experten voor het communiceren met de aanbesteder: wat kan en wat kan niet?

Tips & Tricks van experten voor het communiceren met de aanbesteder: wat kan en wat kan niet?

Meer artikels