Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Somers wil kmo's meer kansen geven bij overheidsopdrachten

Somers wil kmo's meer kansen geven bij overheidsopdrachten

(c) Archief Bouwkroniek

Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Bart Somers gaat met de lokale besturen aan de slag om lokale ondernemingen meer te betrekken bij de relanceprojecten. De minister komt met vijf voorstellen. “Kleinere bedrijven maken nu vaak geen kans als een overheidsopdracht in de markt wordt gezet. Een lokaal bestuur kan nochtans enkele zaken doen om die kansen te vergroten.” Unizo, Nelectra en Bouwunie benadrukken het belang van meer kansen voor kmo’s bij overheidsopdrachten. Unizo reageert dan ook erg positief op het initiatief van de minister.
Vandaag is al meer dan de helft van de volwassen Belgen gevaccineerd en dat zie je ook aan de heropleving van onze economie. De relance lijkt stilaan ingezet. Het relanceplan van de Vlaamse regering met een investeringsimpuls van maar liefst 4,3 miljard € moet het economische en maatschappelijke weefsel in Vlaanderen herstellen en versterken. Mede dankzij de financiële impuls van de Vlaamse regering plannen de lokale besturen ook extra investeringen.
 
“We werken vaak met cofinanciering om lokale investeringen te stimuleren. Voor elke twee euro dat een lokaal bestuur investeert in fietsinfrastructuur legt de Vlaamse regering er een euro bovenop. Onze steden en gemeenten plannende komende jaren 17,4 miljard € te investeren, dat is 2,6 miljard € meer dan oorspronkelijk gepland”, stelt Bart Somers.

Meer lokale investeringen en lokale overheidsopdrachten, maar die komen niet altijd terecht bij lokale kmo’s. “Kleinere bedrijven maken vaak geen kans als een overheidsopdracht in de markt wordt gezet. Lokale besturen willen vaker samenwerken met lokale partners, maar zijn gebonden aan de wet op de overheidsopdrachten. Nochtans kan een lokaal bestuur enkele zaken doen om de kansen van lokale kmo’s te vergroten”, meent Somers.

De minister denkt aan vijf acties. Ten eerste kan een lokaal bestuur de overheidsopdracht opdelen in verschillende opdrachten. Wanneer een overheidsopdracht te groot is, zijn er slechts een handvol grotere bedrijven die de opdracht kunnen uitvoeren. Door de opdracht te splitsen in kleinere opdrachten bereik je meer lokale bedrijven. Lokale besturen kunnen lokale kmo’s ook in contact brengen met elkaar om samen te werken om een overheidsopdracht binnen te halen.

Ten tweede kunnen lokale besturen het prijscriteria minder laten doorwegen en meer nadruk leggen op dienstverlening. Omdat lokale ondernemingen dichter bij de burger staan en bijvoorbeeld betere dienst na verkoop garanderen, maken ze meer kans om de overheidsopdracht binnen te halen.

Ten derde kunnen steden en gemeenten meer inzetten op communicatie en sensibilisering. Grote bedrijven zijn vaak georganiseerd om openbare aanbestedingen actief op te volgen. Kleinere bedrijven niet. Lokale besturen kunnen hier volgens minister Somers een belangrijke rol spelen. Ze kunnen lokale bedrijven actief aanschrijven om mee te dingen naar een aanbesteding, hen begeleiden en ondersteunen, feedback geven als ze het niet gehaald hebben. In Gent en Deinze kunnen lokale kmo’s zich registreren als “stadsleverancier” om uitgenodigd te worden voor overheidsopdrachten die niet voorafgaand bekend moeten worden gemaakt.
 
Ten vierde kunnen lokale besturen ervoor kiezen om geen referenties te vragen en hier minder belang aan hechten. Lokale ondernemingen en zeker start-ups hebben geen referenties, terwijl ze vaak wel perfect in staat zijn om de opdracht goed uit te voeren.
Tot slot stelt de minister voor om de betalingstermijnen waar mogelijk te verkorten. In tegenstelling tot grotere bedrijven, kunnen lokale kmo’s het zich vaak niet veroorloven om maanden te wachten op de betaling voor hun werk. Het remt hen af om mee te dingen naar een lokale overheidsopdracht.

“Als overheidsopdrachten vaker worden uitgevoerd door lokale bedrijven, is dat een win-win. Lokale kmo’s gaan er op vooruit en het economische weefsel van de stad of gemeente wordt versterkt. Geen levende centra zonder bruisende handelskernen. We zullen lokale besturen nergens toe verplichten, maar we gaan hen wel beter begeleiden om lokale bedrijven meer kansen te geven”, besluit minister Somers.

Unizo reageert alvast positief op de plannen van ministers Somers. “Vlaanderen is een kmo-land bij uitstek, maar toch vallen onze kmo’s nog vaak uit de boot bij aanbestedingen. Het initiatief van de minister om de kansen van kmo’s te verhogen bij lokale overheidsopdrachten is dan ook bijzonder belangrijk, ook in het kader van de lokale economische relance. Geld dat lokaal wordt besteed vloeit op verschillende manieren terug naar de samenleving, via belastingen, lokale tewerkstelling… Iedereen vaart er wel bij als ook lokale besturen maximaal winkelhieren”, meent gedelegeerd bestuurder Danny Van Assche van Unizo.
 
Bouwunie meldt dat het aantal bouwgerelateerde overheidsopdrachten de voorbije vijf jaar met een vijfde afgenomen is. De grootste daling is vast te stellen bij de kleinschalige opdrachten, die vaak net het meest interessant zijn voor de bouwkmo’s. Bouwunie is bezorgd en roept de overheden op om bij hun aanbestedingen ook oog te hebben voor de kleinere werken. “We vragen om voor voldoende opdrachten te zorgen die ook toegankelijk zijn voor de bouwkmo’s. Grote opdrachten kunnen daarbij gesplitst worden in kleinere percelen”, zegt gedelegeerd bestuurder Jean-Pierre Waeytens van Bouwunie.
 
De overheid is een belangrijke opdrachtgever van bouwwerken, zowel op lokaal, Vlaams als federaal niveau. Overheidsopdrachten nemen in de bouw ongeveer 29% van de totale activiteiten in. In principe mag enkel een erkende aannemer overheidsopdrachten uitvoeren. Deze erkenning wordt onderverdeeld in acht klassen. Alleen bouwbedrijven die over de juiste erkenning beschikken, kunnen inschrijven. Hoe hoger de klasse, hoe zwaarder de toelatingsvoorwaarden voor de erkenning.
 
“Het zijn vooral de opdrachten uit de lagere klassen die interessant zijn voor onze kmo’s”, duidt Jean-Pierre Waeytens. “Ondernemers die over een erkenning van klasse 1 tot 4 beschikken kunnen inschrijven voor projecten met een geraamde kostprijs van respectievelijk 135.000 tot 900.000 €.  We zien voor de opdrachten in deze klassen (1 tot 4) in 2020 een daling van 25% ten opzichte van 2016. Voor de grote opdrachten, van klasse 5 tot 8, meten we 10% minder opdrachten.”
 
De daling is het grootst in de twee laagste categorieën. In klasse 1 (tot 135.000 €) zijn er liefst een derde minder opdrachten, in klasse 2 (tot 275.000 €) bijna een kwart.  Positief is dat in 2020, ondanks corona, er algemeen weer een licht stijgende trend is.

“We zijn tevreden dat in 2020 alle overheden inspanningen hebben geleverd om meer opdrachten uit te schrijven.  Vooral de federale overheid geeft hier het goede voorbeeld, hier meten we het hoogste niveau sinds vijf jaar. De toekomst ziet er hoopgevend uit. Door de relanceplannen die in de stelling staan komt er  veel werk op de bouwbedrijven af, dus we kunnen ervan uitgaan dat het aantal opdrachten terug zal stijgen. Tegelijkertijd zijn we zeer bezorgd over de wijze waarop deze relance in praktijk wordt omgezet. We hopen dat overheden niet opteren voor mastodontprojecten waarbij kmo’s uit boot vallen en vragen dat voldoende opdrachten opgesplitst worden in verschillende kleinere percelen. De bouwkmo’s mogen niet uit de boot vallen bij aanbestedingen van overheden, zowel lokaal als federaal.”
 
Besturen hebben volgens Bouwunie de neiging om opdrachten te bundelen, in de hoop om zo goedkopere contracten te kunnen binnenhalen en één enkel aanspreekpunt te hebben. Het gevolg is dat de klasse verhoogt en bijgevolg ook de toelatingsvoorwaarden uitgebreider worden, waardoor vooral grote en vaak internationale bouwgroepen nog kunnen deelnemen. Hierdoor worden de kmo-bedrijven gedwongen om te werken in onderaanneming voor die grotere bouwbedrijven.
 
“Schaalvergroting is niet altijd de goedkoopste manier en mag zeker niet ten koste gaan van de bouwkmo’s. Bouwunie verwacht van de federale, Vlaamse en lokale overheid dat ze als belangrijke opdrachtgever hun verantwoordelijkheid opnemen tegenover de bouw kmo’s en de kmo-kaart trekken. Grote opdrachten moeten daarom in verschillende percelen worden opgesplitst, zodat er voldoende kleinere opdrachten zijn. Zo worden de lokale kmo-bouwbedrijven niet buitenspel gezet”, besluit  Waeytens.
 

 

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

120 bouwpromotoren en architecten op petanquetornooi van Renson

120 bouwpromotoren en architecten op petanquetornooi van Renson

Renson verzamelde vorige maand 120 bouwpromotoren en architecten voor een petanquetornooi in Cannes tijdens vastgoedbeurs Mipim.  Kurt Vanmarcke, Michiel Delmulle (beiden Danilith Delmulle) en Bart Vanderdonckt (Steenoven) gingen met de[…]

Inspirerende openhuizendag over toekomstgericht bouwen

Inspirerende openhuizendag over toekomstgericht bouwen

Bouwsector blijft hinder ondervinden van prijsstijgingen en materialenschaarste

Bouwsector blijft hinder ondervinden van prijsstijgingen en materialenschaarste

Zonweringsector groeit opnieuw met 30%

Zonweringsector groeit opnieuw met 30%

Meer artikels