Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Limburgse wegenbouwers in de ban van BIM

Gerelateerde onderwerpen :

,
Limburgse wegenbouwers in de ban van BIM

Leo Janssen pleit voor de strikte naleving van alle veiligheidsregels tijdens wegenwerken.

BIM verovert eveneens met zevenmijlslaarzen de wegenbouw en het samenwerkingsmodel dat hieruit opbloeit, kan de projectkwaliteit en efficiëntie gevoelig verhogen en de faalkosten fors drukken. Dat lieten de sprekers duidelijk blijken tijdens de traditioneel massaal bijgewoonde jaarvergadering van de Vlaamse Wegenbouwers afdeling Limburg vzw op maandagavond 17 juni in Thor Central in Genk.

‘Wegenbouw in de toekomst’ vormde het passende leitmotiv van deze bijeenkomst. Leo Janssen, voorzitter van VlaWeBo Limburg, noemde deze alweer talrijk bijgewoonde avond het hoogtepunt van het werkjaar van de Limburgse wegenbouwers. “Onze jaarvergadering is elk jaar weer een succes dankzij de grote opkomst van alle bedrijven in de wegenbouwsector. Naar dit grootste Limburgse netwerkevent voor de wegenbouwsector, waar je kan netwerken met sectorgenoten, wordt steeds uitgekeken. Dergelijke persoonlijke contacten zijn, zeker in een digitale wereld, zijn belangrijk en vormden steeds de betrachting van dit VlaWeBo-event. Uiteraard blijven VlaWeBo Limburg en VlaWeBo over heel Vlaanderen zich inzetten voor de vele knelpunten en uitdagingen waarmee onze sector te maken heeft. Het verdedigen van de belangen van onze leden en ons beroep is voor VlaWeBo de eerste prioriteit. Om ons werk goed te doen en onze doelstellingen te realiseren zijn jullie allen en jullie betrokkenheid van het grootste belang. Veel meer nog, we moeten ons samen inzetten en ijveren voor de toekomst van onze sector. We bedanken en waarderen onze opdrachtgevers en alle partners en organisaties om ons de kans te geven te overleggen en samen naar oplossingen voor knelpunten en naar verbeterpunten te zoeken”, spreekt hij de aanwezigen toe.

In het jaar na de verkiezingen is het volume van de aanbestedingen weeral veel kleiner, stelden alle aanwezigen vast op de recente vergadering van de Limburgse wegenbouwers. “We richten ons daarom in de eerste plaats en met aandrang tot de nieuwe bewindsploegen in de gemeenten met onze (herhaalde) vraag naar continuïteit en een gelijkmatige spreiding van gemeentelijke werkzaamheden tijdens de komende legislatuur. We zouden toch denken dat de BBC (Beheers- en BeleidsCyclus)-meerjarenplanning daar stilaan zou toe bijdragen? De lokale overheidsinvesteringen vertegenwoordigen immers zowat 50% van onze overheidsopdrachten en de wegen- en vooral rioleringswerken van andere opdrachtgevers zijn bovendien dikwijls afhankelijk van het gemeentelijke deel. VlaWeBo Antwerpen deed tijdens zijn jaarlijks feest onlangs dezelfde oproep, maar ik wil ze voor onze lokale mandatarissen herhalen”, benadrukt Leo Janssen.

Fluvius en Aquafin

Hij hoopt dat Fluvius de aangekondigde doelstelling kan waarmaken om samen met de gemeenten een stabiel aanbestedingsritme aan te houden. “Bij Aquafin is het aandeel geplande werken in onze regio, Limburg en bij uitbreiding Vlaams-Brabant dit jaar niet lager dan vorig jaar. De struikelpunten voor de opdrachtgevers om de voorziene projecten effectief op de markt te krijgen (omgevingsvergunningen, onteigeningen, archeologie, …) blijven echter aanwezig. Op gewestelijk niveau moeten we het stellen met minder echte wegenbouwopdrachten door verschuivingen en de besteding van kredieten voor andere toepassingen, o.m. voor eerder elektromechanische opdrachten (camera’s, sturing van verkeerslichten, …), waarvan we de noodzaak niet in twijfel trekken. Het ziet er naar uit dat we het de komende periode opnieuw met minder zullen moeten doen. De druk op onze bedrijfsvoering (lees: prijszetting) zal dan weer oplopen”, vreest de voorzitter van VlaWeBo Limburg. Hij vraagt om daarmee vooral op rationele wijze om te gaan, met de mistoestanden van een paar jaren geleden in gedachten.

“Laat ons samen van BIM een succesverhaal maken”, port Natasha Blommaert aan.

“We ervaren allemaal in onze sector een gebrek aan kwalitatieve arbeidskrachten en beschikbare competentie op alle niveaus. Dit zet de sector alvast louter rekenkundig onder druk om het aantal personeelsleden te doen groeien, maar beperkt hem niet om te verbeteren. Ik ben ervan overtuigd dat door in te zetten op opleiding van onze medewerkers, digitalisering en nieuwe (en zeker innovatieve uitvoerings)technieken zich ook mogelijkheden aanbieden voor onze bedrijven om te groeien en een transformatie te ondergaan. Uitdagingen zijn er in elk geval genoeg: we moeten straks omgaan met de nieuwigheden in het nieuwe Standaardbestek 250, met de gewijzigde technische bepalingen en andere zoals nieuwe herzieningsformules voor asfaltwerken (een belangrijk verbeterpunt), uitvoeringscertificatie, sloopopvolging, infiltratiesystemen en de nieuwe Praktische Leidraad Nutsleidingen”, weet Leo Janssen.

Ook de veiligheid op en rond wegenbouwwerven blijft voor hem een prioritair aandachtspunt. “Bij het realiseren van projecten is veiligheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid en een taak van alle partijen. Al bij het ontwerp moet voldoende aandacht besteed worden aan de veiligheidsaspecten, aangepast aan de specifieke omstandigheden die anders zijn bij werkzaamheden op autosnelwegen en gewestwegen, in bebouwde kommen of bij rioleringswerken. Tijdens de uitvoering hebben wij vervolgens als aannemers onze verantwoordelijkheden. Ik pleit voor de strikte naleving van alle veiligheidsregels. Samen met onze opdrachtgevers en technische partners steunt VlaWeBo alle betrachtingen om het veiligheidsniveau bij de realisatie van projecten te verhogen”, deelt de voorzitter van VlaWeBo Limburg mee.
 
Ten slotte moeten we volgens hem de (niet-)digitalisering in onze bedrijven permanent in vraag te stellen. De trend neigt immers steeds meer naar digitale informatie- en documentenuitwisseling met opdrachtgevers, een digitaal dagboek, digitale vorderingsstaten en andere toepassingen.

“Dit brengt mij naadloos bij ‘BIM-gericht werken’ in de wegenbouw, ook een nieuwigheid in het nieuwe SB250. Natasha Blommaert, coördinator Kennis- en Datamanagement bij het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV), leidt het BIM-team bij AWV en kan ons meer vertellen over de BIM-bepalingen in het SB en de toepassing bij infrastructuurwerken. Vervolgens toont Annick De Swaef, sinds ruim een jaar de nieuwe directeur-generaal van het Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw (OCW), dat het BIM-verhaal niet alleen kansen biedt voor onze bedrijven maar ook voor haar organisatie. En tot slot geeft Johan Ceyssens vanuit VlaWeBo nog wat kritische beschouwingen. Een uitgebreide ketensamenwerking dringt zich op met alle stakeholders. Onze sector bouwt samen aan infrastructuur en creëert fier de leefomgeving van morgen. Samen BIMmen is toch fantastisch”, besluit de voorzitter van VlaWeBo Limburg.

Mijlpalen

Natasha Blommaert heeft het in haar presentatie over ‘Bouwwerk Informatie Management: de digitale weg naar een efficiëntere en betere samenwerking’. “De mijlpalen in de bouwsector zijn bekend: de overgang van de tekentafel naar de computer en van 2D-tekenen naar 3D-ontwerpen. Met BIM hebben we blijkbaar opnieuw een mijlpaal bereikt: die van geïntegreerde en digitale samenwerking in de bouwsector”, meldt ze.

De gastspreekster belicht de digitale evolutie die BIM kan teweegbrengen. “Wat betekent BIM voor AWV en hoe gaan we daar straks mee om? Is BIM de stuwende kracht naar Asset Information Management of de weg naar meer efficiëntie en samenwerking in de bouwsector, door kennis en informatie te delen? BIM (Bouwwerk Informatie Management, ook wel Model en Modelling) is een verzamelnaam voor virtueel bouwen en digitaal samenwerken tussen alle projectpartners in een bouwproject, over alle projectfasen heen. Afhankelijk van welk type bedrijf of organisatie je bent, welke activiteiten je uitvoert en wanneer je ze ontplooit in een bouwproject zal BIM voor jouw bedrijf of organisatie een andere meerwaarde kunnen betekenen en een win-situatie met zich brengen”, stipt Natasha Blommaert aan.

Ze noemt een BIM-model een digitale tweeling die een virtuele weergave van de werkelijkheid vormt, waarbij geometrie en informatie aan elkaar gekoppeld worden. Aan een simpel object koppel je functionele en fysieke eigenschappen. Zo ontstaan verschillende ‘intelligente’ objecten die deel uitmaken van een virtueel bouwwerk.

“Met BIM zijn alle partijen die samen een bouwwerk realiseren betrokken. BIM betekent dus voor ons allemaal een verandering, die we stap voor stap samen zullen moeten nemen. BIM is evenwel geen omwenteling: de bouwpartners zullen nog altijd dezelfde bouwactiviteiten uitvoeren; alleen gaan ze de informatie en data die hun activiteiten met zich brengen samen opslaan, delen en transparant beschikbaar stellen voor iedereen in hun ecosysteem. BIMmen wil zeggen kennis delen, data en informatie opslaan en voortbouwen op de betrouwbare informatie en die voort verrijken. Goede afspraken van bij de aanvang, transparantie in de taakverdeling en verantwoordelijkheden en eenduidige communicatie vormen de sleutel tot succes”, weet Natasha Blommaert.

Opdrachtgever als BIM-katalysator

AWV wil als opdrachtgever hierin een richtinggevende rol spelen voor de sector en instaan voor standaardisatie door de opmaak van een objecttypenbibliotheek. AWV en de Vlaamse ObjectTypenBibliotheek (OTL - Object Type Library) legt vast welke types objecten in dat datamodel kunnen zitten, welke eigenschappen van elk objecttype moeten bekend zijn en wat de mogelijke relaties zijn tussen die fysieke objecten.

“Zo geeft BIM ons de kans om de beschikbare informatie uniform en gestandaardiseerd over de volledige levenscyclus van onze terreinobjecten efficiënt te verzamelen en te beheren. Door die informatie eenmalig in te winnen, zo dicht mogelijk bij de bron, en gestandaardiseerd uit te wisselen, kunnen we die uniforme gegevens ter beschikking stellen van wie ze nodig heeft op elk moment tijdens de levenscyclus: tijdens de studiefase van een project, gedurende de uitvoering van de werkzaamheden op het terrein of tijdens het beheer en onderhoud in de periode daarna”, signaleert de coördinator Kennis- en Datamanagement bij AWV.

Deze AWV ObjectTypenBibliotheek (OTL) vormt de ruggengraat van het BIM-gericht werken. “BIM-modellen die worden gestart tijdens de studie van een project en die gedurende de uitvoering voort evolueren naar een as-builtmodel worden van bij de start opgebouwd op basis van dat OTL. Zo zorgen we ervoor dat de verzamelde gegevens maximaal kunnen overgedragen en gerecupereerd worden doorheen de verschillende fases van het project. De opeenvolgende partijen (bv. studiebureau en aannemer) kunnen op die manier voortbouwen op een reeds bestaand model en zich focussen op hun kerntaken in het project”, licht Natasha Blommaert toe.

Duidelijk gedefinieerde en gemeenschappelijke BIM-doelstellingen voor een project, een gedeeld BIM-model en -uitwisselingsplatform en een constructieve houding van alle projectpartners moeten de bouwpartners toelaten om al tijdens de studie en uitvoering van projecten maximaal van de voordelen van BIM te profiteren. Het gebruik van BIM zorgt voor een betere communicatie en samenwerking in het projectteam en de aflevering van kwalitatievere projecten met een kortere doorlooptijd.

“Doordat we het ontwerp in een globaal BIM-model kunnen analyseren en evalueren kunnen we ontwerpfouten of technische problemen sneller opsporen en oplossen door o.a. clashcontroles, wat faalkosten en vertragingen op de bouwwerf minimaliseert. Op die manier vermijden we verrekeningen en kunnen we het project binnen budget en de vooropgestelde timing houden. BIM is voor aannemers vooral een weg naar meer efficiëntie want met BIM-modelling zullen zij bv. aan de hand van 4D-simulaties een betere planning van de werkzaamheden kunnen opstellen, de calculatie van hoeveelheden kunnen automatiseren, meetstaten en/of vorderingsstaten uit het BIM-model kunnen laten rollen of tot slot het model kunnen aanwenden voor machinesturing. BIM kan als communicatie- en werkplatform gebruikt worden waar ontwerp, uitvoering, faalkostenreductie, lean en ketensamenwerking samenvloeien”, licht de gastspreekster toe.

De technieken voor het inwinnen van data op het terrein blijven dezelfde als bij de huidige projecten: BIM-modellen worden net zoals voordien opgebouwd aan de hand van een klassieke 3D topografische opmeting van de bestaande toestand of naderhand bijgewerkt naar de as-builtsituatie op basis van gelijkaardige opmetingen.

BIM in het SB 250

De recent gepubliceerde nieuwste versie (4.1) van het ‘Standaardbestek 250 voor de wegenbouw’ bevat voor het eerst ook een aantal high-level standaardeisen voor opdrachtgevers die BIM willen opnemen in hun opdracht en die ze voort kunnen aanvullen in specifieke bestekken naargelang hun eigen wensen en noden. “Het SB 250 blijft hét referentiewerk voor aannemers van wegenwerken voor het uitvoeren van opdrachten. We herwerken het dan ook op geregelde tijdstippen omdat technieken en werkmethodes voortdurend evolueren. Zo is BIM een nieuwe werkmethode met vele opportuniteiten voor alle partijen in een bouwproject en hebben we die optie voor opdrachtgevers ook voorzien in de nieuwe versie van het SB 250”, meldt Natasha Blommaert.

Ze belooft dat AWV als opdrachtgever in de bestekken die ze op de markt zal brengen zelf zoveel mogelijk zal inzetten op die BIM-methodiek. De basistekst over BIM in het SB 250 gaat gepaard met enkele genormaliseerde posten waarop de BIM-werking kan verhaald worden.

“Het belang van BIM (digitaal samenwerken in de bouw) groeit dus, ook voor infrastructuurprojecten. Als wegbeheerder willen wij hierin richtinggevend zijn, zowel voor het samenwerken tijdens de studie en uitvoering van projecten als voor het gebruik van intelligente informatiemodellen tijdens het verdere beheer en onderhoud. Wij kunnen dit uiteraard niet alleen; een constructieve samenwerking met al onze projectpartners is cruciaal voor het slagen van ons BIM-traject. We geloven in elk geval dat BIM een grote stap voorwaarts kan betekenen om de kwaliteit en de efficiëntie in de bouw te verbeteren en faalkosten te verminderen. We zullen echter stap voor stap deze nieuwe weg inslaan; BIM is tenslotte ‘change management’, voor u en voor ons. Denk daarom eens na welke meerwaarde BIM voor u kan betekenen. Welke win-win situatie zit er voor u als aannemer in? Laat ons daarop focussen, elkaar helpen, pragmatisch digitaliseren en groeien in BIM. Het nieuwe SB 250 biedt de mogelijkheid om BIM-gericht te werken, maar daarom zal het morgen nog niet in elk bestek staan. Laat ons samen van BIM een succesverhaal maken”, adviseert Natasha Blommaert.

Digital journey

“BIM zal een essentiële rol spelen in een circulaire economie”, voorspelt Annick De Swaef.

Annick De Swaef, die op 1 mei 2018 Claude Van Rooten opvolgde als directeur-generaal van het OCW, merkt op dat haar organisatie samen met VlaWeBo al een gezamenlijke roadshow heeft georganiseerd. “We doen     aan drie vormen van dienstverlening: onderzoek, technische bijstand en de opleidingen die wij organiseren. De basisopleiding is de wintercursus met een cyclus van drie jaar voor de wegenbouw. Het OCW telt honderd medewerkers op drie sites. We digitaliseren veel, maar BIMmen niet zelf omdat het niet tot onze activiteit behoort om wegen te ontwerpen en uit te voeren. We willen wel het BIM-verhaal begrijpen en wegenbouwers hierbij begeleiden. De ‘digital journey’ van de aannemer begrijpen is overigens heel belangrijk. We werken tevens met VlaWeBo, FWEV (Fédération Wallonne des Entrepreneurs de Travaux de Voirie) en externe partners aan een Digi-Barometer, die we in oktober in Brussel zullen voorstellen tijdens de beurs ‘Digital Construction’. Hiertoe voeren we een online enquête waaruit een studierapport zal volgen. De Digi-Barometer houdt rekening met het feit dat je al dan niet een ERP (Enterprise Resource Planning; software ter bedrijfsvoering) hebt, aan werfplanning en aansturing doet, automatisering (track & trace en machinesturing) hebt ingebouwd, digitale communicatie gebruikt en meesurft op toekomstige trends zoals drones”, stelt ze.

Hieruit vloeien nieuwe (transversale) functies. Zo heeft ze twee innovatiecoördinatoren aangesteld. “We hebben onmiddellijk een aantal BIM-onderzoeksprojecten gestart, waarbij we lonken naar de CEDR (Conférence Européenne des Directeurs des Routes) en het COOCK (Collectief Onderzoek & Ontwikkeling en Collectieve Kennisverspreiding/-transfer). We hebben tevens ingeschreven op een call voor de CEDR en willen onderzoeken hoe deze OTL’s worden opgebouwd in Europa. Natasha Blommaert is hierbij een voortrekker in Europa en Vlaanderen staat aan de top. We werken tevens aan een onderzoeksproject bij het Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO), waaraan we net als andere sectoren steun vragen, en zijn met AWV op zoek naar aannemers voor concrete demonstraties om BIM-modelleren te leren. We vormen ook een overlegplatform tussen de drie gewesten (SB 250, TB 2015 en CCT Qualiroutes). In Brussel gebeurt evenwel nog niks en in Wallonië is men zeker niet zo ver gevorderd als in Vlaanderen. Vele aannemers werken echter niet alleen in Vlaanderen”, verklaart Annick De Swaef.

Het OCW tracht eveneens pragmatisch te zijn en te fungeren als een onpartijdige denktank, ook voor BIM. Hierbij moet BIM voor gebouwen tegenover BIM voor infrastructuur worden geplaatst en moet de rol van de overheid als opdrachtgever, eigenaar en regulator in ogenschouw worden genomen. Daarenboven moeten de belangen van de opdrachtgever tegenover de belangen van de opdrachtnemers worden ingeschat en moet aandacht geschonken worden aan de circulaire economie in het licht van BIM en materiaalgebruik.

“We zweren bij onze positie van onafhankelijkheid en onpartijdigheid, maar zijn ons ook bewust van de bezorgdheden van aannemers. Daarbij gaan we onze slogan ‘OCW, uw partner voor duurzame wegen’ omvormen tot ‘Samen voor duurzame wegen!’ en willen we werken aan efficiënt materiaalgebruik. We importeren en verwerken goederen; een deel wordt geëxporteerd, een deel verdwijnt in de lucht en 8% wordt in Europa gerecycleerd. BIM zal een essentiële rol spelen in een circulaire economie”, voorspelt de directeur-generaal van het OCW.

Directeur van de Confederatie Bouw Limburg Chris Slaets (l.) en Eli Desmedt van VlaWeBo (r.) gingen samen met alle sprekers (voort vanaf l.) Natasha Blommaert, Leo Janssen,  Annick De Swaef en Johan Ceyssens achteraf buiten op de foto.

Johan Ceyssens, CEO van Kumpen nv, herinnert eraan dat amper vijf jaar geleden slechts vijf tot zeven projecten in BIM werden uitgevoerd. Nu zijn meer dan 60% van de nieuwe gebouwen BIM-projecten. “Vandaag staat de wegenbouw op hetzelfde scharnierpunt en wie niet meedoet, is binnen vijf jaar niet meer competitief. BIM in combinatie met lean bouwen verbetert de competitiviteit met 15%. We hebben nog een hele weg te gaan en de nutsmaatschappijen moeten nog meestappen in dit verhaal. Uniek is echter wel dat de overheid zegt dat ze wil samenwerken”, juicht hij toe.

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

Negen kandidaten voor drie Matexpo Awards

Negen kandidaten voor drie Matexpo Awards

Matexpo heeft de genomineerden bekendgemaakt voor de zevende editie van de Matexpo Awards. Er werden 30 dossiers ingediend voor de Innovation Award, 20 voor de Green Award en 15 voor de nieuwe Safety Award. De jury koos drie genomineerden per[…]

‘Mijn Thuis Op Maat’ doet architectuur beleven

‘Mijn Thuis Op Maat’ doet architectuur beleven

Architecten trekken op studiereis naar Carrara

Architecten trekken op studiereis naar Carrara

Hack Utilities zoekt oplossingen voor wateruitdagingen

Hack Utilities zoekt oplossingen voor wateruitdagingen

Meer artikels