Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Koewacht

Ergens op de grens van Oost-Vlaanderen met de Nederlandse provincie Zeeland ligt een dorp met een naam die herinnert aan een nu verdwenen kinderberoep, de 'koewacht'. Koeien die in de 'beemd' of in de 'meent' gingen grazen, hadden een oppas nodig, en het hoeden van een paar koeien was een taak die een kind van 12 of 11 wel aankon. En als dat kind dan van de eigenaar van de koeien als beloning een kom soep of een boterham kreeg, dan was dat 'mooi meegenomen'.

Koewachter was als beroep vergelijkbaar met schaapherder of ganzenhoedster, beroepen die vooral romantische dichters fascineerden, maar waarbij de kinderen niets leerden - en arm bleven. De leerplicht die een eeuw geleden in de meeste landen ingevoerd werd, had als doel de opleiding van de opgroeiende jeugd te verbeteren, om hen beter voor te bereiden op het leven als volwassene.

Gratis (lager) onderwijs bestond al vóór de leer- of schoolplicht bestond; de wetgever had dus de duidelijke bedoeling de ouders te verplichten hun kinderen onderwijs te laten volgen, ook als die ouders zelf niet inzagen waar dat goed voor was.

Aanvankelijk duurde de leerplicht tot de leeftijd van 14 jaar, maar tegenwoordig wordt dat als onvoldoende beschouwd en we zijn nu bij 18 jaar, met in de praktijk een duidelijke, internationaal gebruikelijke indeling: tot 6 jaar 'kleuterschool, van 6 tot 12 'lager' onderwijs, van 12 tot 18 'middelbaar' onderwijs en daarna 'hoger' onderwijs.

De overgang van de leerplicht tot 14 jaar naar de leerplicht tot 18 verliep niet helemaal vlekkeloos. Eén van de problemen was, dat de wetgever het nodig vond alle twaalfjarigen op dezelfde manier aan de startlijn voor het middelbaar onderwijs te brengen. Iedereen kon/moest dus naar het 'ASO' ofte 'Algemeen Secundair Onderwijs', met de mogelijkheid om later over te stappen naar het 'Technisch' of naar het 'Beroepsonderwijs'. Het resultaat was dat het TSO en het BSO het imago van 'minder waardevol' onderwijs kregen, wat niet de bedoeling was, en eigenlijk ook niet juist: elke onderwijsvorm heeft haar eigen doelstelling, en het beroep van arts is op zichzelf niet waardevoller dan dat van een mecanicien of een kapper.

Vooral het beroepsonderwijs kreeg klappen omdat het het verzamelbekken werd van leerlingen die zich in het ASO en in het TSO niet thuis voelden, onder meer omdat ze zich eigenlijk nergens thuis voelden en reeds vóór ze achttien jaar oud werden aan 'schoolmoeheid' gingen lijden. En als een deel van de leerlingen in een klas zich niet goed in hun vel voelen, dan heeft dat een negatieve invloed op de motivering en de prestaties van de anderen (en zelfs van de leraar).

De jongste tijd wordt een nieuw wondermiddel gepresenteerd: deeltijds leren 'op de werkvloer', wat erop neer komt dat de bedrijven 'leerlingen' moeten opnemen en hun technische opleiding (mede) verzorgen. Als voorbeeld voor deze methode wordt het 'duale systeem' in Duitsland opgevoerd, waar ondernemingen met zachte dwang verplicht worden 'leerlingen' op te nemen om er onder toezicht van een 'werkmeester' deeltijds te werken, en het andere deel van hun tijd school lopen om er nog wat theorie te leren.

De methode is zeker niet van de hand te wijzen, maar heeft nogal wat beperkingen. Een belangrijke beperking is dat de meeste bedrijven niet staan te springen om (een deel van) hun vast personeel te belasten met de opleiding van leerlingen. Als gevolg hiervan leest men elk jaar opnieuw in de Duitse pers dat door de industrie te weinig 'Lehrstellen' beschikbaar worden gesteld om aan de vraag te voldoen.

In feite is de praktijk voor ons land een terugkeer naar het oude systeem met 'meesters', 'gezellen' en 'leerlingen' van de vroegere gilden en ambachten, toen er nog geen technische scholen bestonden. In ons land zijn de gilden en ambachten radicaal afgeschaft via de 'wet le Chapelier' van 1791. De Franse Revolutie wilde, onder invloed van Adam Smith, vrijheid voor het bedrijfsleven en wilde komaf maken met de geheimdoenerij waarmee de beroepscorporaties hun activiteiten omringden (en meteen de technologische vooruitgang beletten).

De wetgeving van de Franse Revolutie is ook in de Belgische wetgeving terug te vinden, maar in Duitsland zijn de corporaties nooit officieel afgeschaft en in veel Duitse industriebedrijven lopen nog altijd mannen rond die met 'Meister' aangesproken worden - en ook 'Lehrlinge'.

De bouwsector is, ook in ons land, een 'speciaal geval'. Tot niet zo lang geleden liepen op onze bouwwerven mannen rond die 'dienders' genoemd werden, en die de taken uitvoerden die ooit door 'leerlingen' gedaan moesten worden: mortel aanmaken, bakstenen en andere bouwmaterialen de ladder opdragen - tot en met 'bier gaan halen' voor de meester-metsers.

Intussen is de uitvoering van ruwbouwwerken veranderd, o.m. door het gebruik van (toren)kranen en van kant- en klaarmortel. (En bier gaan halen, hoort helemaal niet meer tot de onmisbare taken.) Maar de belangrijkste vaardigheden, zoals metselen en beton bekisten en storten, moeten nog steeds 'aangeleerd' en ingeoefend worden, en dat kan men in een school waarschijnlijk even goed als op een werf.

Het enige echt zichtbare voordeel van een stage in een bestaand bedrijf is dat jonge mensen er leren hoe de 'werkelijkheid' er uit ziet. Alhoewel: wie recht van school komt, leert ook snel hoe het 'echte leven' er uitziet, en daarvoor hoeft men geen stage te doen.

Een belangrijk bezwaar is dat de tijd die men als minderjarige 'leerling op de werkvloer' rondhangt, niet gebruikt kan worden voor ernstige theorielessen, en dat in een tijd waarin theoretische basiskennis steeds belangrijker wordt. Maar daarmee bijt de slang in haar eigen staart: de voornaamste reden om oudere leerlingen fabriek- of werfstages te laten uitvoeren, is precies de wens om hun schoolmoeheid tegen te gaan.

ZANDER

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

Hasselt biedt 3.000 gezinnen complete renovatiehulp op maat

Hasselt biedt 3.000 gezinnen complete renovatiehulp op maat

De stad Hasselt gaat meer dan 3.000 gezinnen persoonlijk begeleiden in het verduurzamen van hun woning. De campagne startmetrenoveren.be omvat een complete aanpak op maat, van analyse tot werken, op een schaalgrootte die nog niet eerder werd[…]

Consortium gekozen voor bouw nieuw VRT-hoofdkwartier

Consortium gekozen voor bouw nieuw VRT-hoofdkwartier

Aquafin bouwt duurzame campus in Aarstelaar

Aquafin bouwt duurzame campus in Aarstelaar

West-Vlaanderen plant aanleg vijf fietspaden

West-Vlaanderen plant aanleg vijf fietspaden