Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Een interview met Gouden Baksteenwinnaar Karel Van Eetvelt

Een interview met Gouden Baksteenwinnaar Karel Van Eetvelt

Oeverloos gelukkig, emotioneel geraakt en oprecht trots: dat waren de sentimenten die bij Karel Van Eetvelt overheersten toen men hem meldde dat hij dit jaar de Gouden Baksteen van Bouwunie had gewonnen. De voormalige gedelegeerde bestuurder van Bouwunie en Unizo maakte in oktober vorig jaar de overstap naar Febelfin, de Belgische federatie van de financiële sector, maar koestert duidelijk nog steeds een warm hart voor de bouw.

Karel Van Eetvelt studeerde aan de KU Leuven af als licentiaat Lichamelijke Opvoeding (L.O.), maar beleefde zijn eerste werkervaring volledig in de lijn van zijn politieke roots - zijn vader Jozef Van Eetvelt was parlementslid en van 1970 tot 2010 burgemeester van Bornem - op het kabinet van Gaston Geens, de eerste voorzitter van de Vlaamse Executieve, zoals de Vlaamse regering toen heette. Na die korte periode op het kabinet koesterde hij de ambitie om zelfstandige te worden in een sportgerelateerde activiteit.
 

"Koester het verleden met een open blik op de toekomst"

 
“Mijn vader was nog kabinetschef geweest van Paul Akkermans, die van 1974 tot 1983 voorzitter was van het NCMV, de voorloper van Unizo, en stelde me voor om eens met hem te gaan praten omdat die me wel wat ondernemingstips kon geven. Akkermans’ antwoord aan mij was echter laconiek: “Gij kunt daar niks van, manneke. Ge zoudt beter eerst bij mij komen werken.” In die tijd zocht Nacebo, zoals Bouwunie tot 2003 heette en dat toen zeven medewerkers telde, een bewegingssecretaris; de rechterhand van secretaris-generaal Frans Duhamel was immers ernstig ziek. Zo ben ik en stoemelings in het verenigingsleven van de bouw gerold. Hierbij moest ik eerst de federatie van de schilders, die lokaal al wel goed werkte, en het Aannemerscollectief van Kabel- en Leidingleggers AKAL nieuw leven inblazen. We hebben toen vormingstrajecten opgezet voor de sector, voor inkomsten gezorgd en heel wat projecten voor schrijnwerkers en installateurs gelanceerd. Eén van die projecten was de opstelling van richtprijzen voor de woningbouw. We stelden werkgroepen samen in diverse deelsectoren en federaties van de bouw, waar we aannemers bijeenbrachten en met de steun van het WTCB de tijdsnormen bepaalden die een werknemer in een opdracht mocht investeren: hoeveel tijd besteed je aan het leggen van zachte vloerbekleding, lopende meters metselwerk, snelbouwstenen, dakspanten, …? We bekeken ook de gemiddelde materiaalprijzen en de gemiddelde marges om tot een richtprijs te komen. Zo konden aannemers modulair uitrekenen hoeveel een opdracht hen kostte en hun kostprijs correct bepalen. Dat werd allemaal opgenomen in een boek, dat weldra opnieuw wordt uitgegeven. We kregen tevens heel veel vragen van architecten om ook voor hen indicaties te bekomen. Deze richtprijzen zijn trouwens nog altijd erg geliefd bij aannemers, architecten en experts”, weet de voormalige topman van Unizo.
 
Het calculatieproject was een product om alle intreders in de sector op een juiste manier te leren calculeren. “Voordien wisten aannemers wel hoe ze technisch correct moesten werken, maar niet hoe ze een onderneming duurzaam konden uitbouwen. Alles begint bij een correcte wijze om je kost te calculeren”, weet Karel Van Eetvelt.

21STE WINNAAR

Hij herinnert zich ook nog levendig de uitreikingen van eerst de Glazen en nadien de Gouden Baksteen als uithangbord om de bouw naar de buitenwereld te promoten. “We wilden onze sector in het zonnetje zetten door mensen een erkenning voor hun inspanningen te geven en hebben deze uitreiking hiertoe een tijdlang zelfs nog samen met de Vlaamse architectenorganisatie NAV georganiseerd. In 1997 reikten we onze eerste Baksteen uit en dit jaar vindt reeds de 21ste editie plaats”, weet hij.
 
Karel Van Eetvelt was eerst adviseur en secretaris-generaal van Nacebo en klom vervolgens op tot gedelegeerd bestuurder toen Frans Duhamel met pensioen ging. Namens zijn organisatie nam hij ook deel aan het sociaal overleg in de bouw. Hij blikt duidelijk met veel voldoening terug op de fijne tijd die hij bij Nacebo/Bouwunie beleefde tussen januari 1992 en eind 2004. “We vormden een kleine organisatie waar echter veel dynamiek van uitging. We konden zeer veel werk verzetten en zagen onze organisatie sterk groeien in ledenaantal (dat vervier- of vervijfvoudigde na mijn intrede in de organisatie) en door de integratie met Unizo omstreeks 2001-2002. Begin jaren ’90 van vorige eeuw telde Nacebo nog maar 1.500 tot 1.700 leden, maar de federatie begon al wel aan een opmars vóór de integratie met Unizo. Vandaag telt Bouwunie zowat 7.000 leden, tegenover slechts 40 tot 45% daarvan vóór de vermelde integratie. De meeste federaties waren in het begin al wel actief - de isolatiesector is er bijgekomen – en er was ook al een uitstekende bewegingswerking en dienstverlening met veel aandacht voor de erkenning en de registratie”, herinnert Karel Van Eetvelt zich.
 
Op 1 december 2004 volgde hij Kris Peeters op als gedelegeerd bestuurder van Unizo. “Bouwunie huisde toen al in het gebouw van Unizo in de Spastraat in Brussel. Bovendien hebben de huidige directeur Marketing en Beweging bij Bouwunie Bart Verstraete en ik samen met enkele anderen een heel sterke integratie doorgevoerd. Ik had een goed contact met Kris Peeters en deed al voordien een aantal dingen voor Unizo, dat ik al redelijk goed van binnenuit kende. Bouwunie was overigens de grootste federatie aangesloten bij Unizo (20 tot 25% van de Unizo-leden zijn actief in de bouw). Voor een aantal problemen in de bouwsector die we zelf niet opgelost kregen, moesten we ons trouwens wel tot een interprofessionele organisatie wenden. Ik ben in volle interprofessionele onderhandelingen in Unizo gestapt en op het eind van deze onderhandelingen hadden we een akkoord over de overuren in de bouw, ook al omdat ik deze materie goed kende”, blikt de huidige ceo van Febelfin voldaan terug.

RODE DRADEN

Karel Van Eetvelt leerde bij Unizo ook de zelfstandige in al zijn facetten kennen. “De bouw is een heel diverse sector die ik goed kende, hoewel hij veel meer dan vroeger een technische en technologische sector is geworden. Op ondernemingsvlak is er evenwel weinig verschil tussen ondernemers: ze zijn allemaal harde en gedreven werkers die risico’s durven nemen. Uiteindelijk is de bottom line tussen alle zelfstandigen gelijk en zie ik veeleer rode draden dan grote verschillen. Alle zelfstandigen kampen immers met dezelfde problemen, zoals de belastingdruk, en bij iedereen leeft de perceptie dat de samenleving onvoldoende beseft welke meerwaarde ze creëren. In die zin kweekt het Unizo-initiatief de Dag van de Ondernemer bij zelfstandigen een gevoel van trots om ondernemer te zijn en schept het cohesie”, beseft de sterke man van Febelfin.
 
Karel Van Eetvelt blikt nog altijd met veel voldoening terug op zijn tijd bij Bouwunie en Unizo en krijgt trouwens nog altijd mails van aannemers over bv. hun problemen met de banken. Op 2 oktober 2017 ging hij echter een nieuwe uitdaging aan als ceo van Febelfin en de Belgische Vereniging van Banken en Beursvennootschappen (BVB).  
 
“Ik geef toe dat de overstap van Unizo naar Febelfin voor vele mensen en misschien zelfs voor mezelf geen logische transfer was; iedereen verwachtte immers dat ik in de politiek zou gaan. Vooreerst had ik echter nood aan een ander actieterrein, hoewel ik wel een heleboel dingen bij Unizo mis. Daarnaast knaagde ook frustratie over het sociale overleg; ik had immers de ambitie om voor ondernemers op overkoepelend interprofessioneel niveau zoveel mogelijk te realiseren en was gestart vanuit het idee dat ik dat streven in de Groep van Tien mee kon waarmaken, maar daar heb ik vastgesteld dat dit de jongste jaren niet lukt. De onderhandelingen blokkeerden immers en stonden gewoon stil. De grootste trigger was de recente blokkering van het pensioendossier, onze core business, door de onwil van bepaalde partijen. Ik wil evenwel niet blijven vasthangen aan dossiers waarmee ik niet vooruit kan en in de politiek stappen vond ik op dat ogenblik voor mij geen optie. Hierdoor bleven nog twee mogelijkheden over: ofwel ging ik naar het buitenland ofwel investeerde ik mijn energie in een andere professionele omgeving. Uiteindelijk koos ik voor de financiële sector, die in een paar jaar tijd volledig getransformeerd wordt, wat een sterke impact zal hebben op de mensen die er werken en op het sociale systeem. De bereidheid om projectmatig te werken is toch een stuk hoger in deze sector, die voor de uitdaging staat om op een maatschappelijk aanvaardbare en duurzame manier te evolueren. Bovendien is me tijdens de eerste maanden in mijn nieuwe functie vooral de negatieve perceptie van deze sector in de samenleving opgevallen, te wijten aan de bankencrisis van tien jaar geleden. Daar valt nog werk te verzetten”, beseft hij.
 
Politiek is voor Karel Van Eetvelt echter daarom nog geen definitief afgesloten hoofdstuk. “Niemand kan zijn toekomst voorspellen en zeg nooit nooit. Daarenboven ben ik geen langetermijnplanner en wil ik mij 100% inzetten voor projecten, die echter kunnen switchen”, oppert hij.

RAAKPUNTEN

Bij Febelfin volgt Karel Van Eetvelt de bouw vandaag vanzelfsprekend iets minder, maar bij het doornemen van de ochtendkranten leest hij nog altijd met veel belangstelling het nieuws over deze sector. “Aannemers vormen een heel leuk en aangenaam publiek, down to earth en met de voeten op en in de grond. Er zijn ook vele raakpunten met de financiële sector, want een groot gedeelte van de projecten tot en met de renovatiewerken die aannemers uitvoeren, wordt gefinancierd door de financiële sector. We staan ook allebei voor dezelfde enorme uitdagingen, waaronder een verdere switch naar duurzaamheid; tegen 2050 moeten al onze woningen energiezuinig zijn en dat streefdoel kan de bouwsector alleen halen door partnerships met de financiële wereld. Hierbij rijst de vraag of we onze kredieten en de fiscaliteit daaraan kunnen aanpassen. Dat is een stukje productontwikkeling, maar evenzeer een verantwoordelijkheid van de overheden en het beleid. Ten tweede financiert de financiële sector de economie door kredieten en verschillende vormen van financiering te verstrekken aan ondernemingen. Projectontwikkeling en groei worden door deze sector gefinancierd. In de periode 2008-2010 verkeerden we in een moeilijke economische situatie, maar vandaag is de toestand anders. Het moet ook de ambitie van de sector zijn om vooruit te kijken en samen met anderen voor economische vooruitgang te zorgen. We zien immers dat investeringen in infrastructuur minder evident zijn dan in de jaren ’60 tot ’80 van de twintigste eeuw en dat het beleid hierin te weinig heeft geïnvesteerd. Vandaag kunnen we echter mee financieren in pps-constructies en mee aan productontwikkeling doen via kredieten en kapitaalverschaffingen. De financiële sector lijkt overigens misschien wel een kleine sector met niet zoveel spelers, maar zijn brede impact op de economie is enorm. Ik dring er dan ook op aan om hierop in te zetten”, belooft Karel Van Eetvelt.
 
Uitgeroepen worden tot winnaar van Bouwunies Gouden Baksteen, wat doet dat met een mens? “Ik was heel verrast toen ik het goede nieuws vernam; zelf vind ik het immers maar niet meer dan normaal wat ik de jongste 25 jaar voor ondernemers heb gedaan. Eerlijk gezegd had ik deze prijs dan ook niet verwacht: ik ben immers destijds voor deze opdracht aangetrokken en verwachtte hiervoor geen speciale erkenning. En wat het nog mooier maakt, is dat deze erkenning uitgaat van de federatie die ik in het begin van mijn carrière van binnenuit heb leren kennen. Toen gedelegeerd bestuurder van Bouwunie Hilde Masschelein me hierover belde, was ik dan ook erg emotioneel en dankbaar. Ik voel me enorm vereerd; uiteindelijk krijgt de laureaat erkenning van ondernemers en dat is het mooiste eerbetoon dat je kan krijgen. Ik vermoed dat men mij wil belonen voor mijn inzet voor de bouwsector en voor het effect dat ik hierdoor bereikt heb. Hiermee wordt in elk geval een belangrijke etappe in mijn carrière op een mooie manier afgesloten”, glundert Karel Van Eetvelt.
 
Hij vindt dat hij bij Bouwunie moeilijk persoonlijke verwezenlijkingen op zijn conto mag schrijven, maar hoopt wel dat hij heeft kunnen bijdragen tot meer flexibiliteit in de sector. “Ik heb ook gedurende heel mijn carrière nauwe contacten gehad met bouwaannemers en van hen veel feedback gekregen. Onze ambitie was indertijd om te evolueren naar een sector die de mogelijkheid heeft om zijn economische activiteit op de meest lucratieve manier legaal uit te oefenen. In de jaren ’80 van vorige eeuw werden we evenwel geconfronteerd met hyperconcurrentie, kleine spelers op de markt en prijsdumping. Er was een wezenlijk verschil met het begin van de jaren ’90 van de voorbije eeuw”, herinnert hij zich.
 
Karel Van Eetvelt heeft ook nog een boodschap in petto voor aannemers. “Ik wens hen oprecht toe dat ze met veel plezier ondernemen op basis van hun kennis en verworvenheden uit het verleden, maar met de blik gericht op de toekomst. Onze samenleving verandert vandaag immers razendsnel en dat geldt zeker voor de bouw, die voordien eerder bekendstond als een traditionele, klassieke en traag evoluerende sector. We moeten de kwalitatieve fundamenten uit het verleden die deze sector gemaakt hebben tot wat hij vandaag is, zoals technische kennis en vakmanschap, blijven koesteren en behouden, zelfs als bepaalde aspecten daarvan worden geautomatiseerd (ook dan nog blijven mensen echter verantwoordelijk voor de uitvoering en is een bouwwerf geen exacte wetenschap), maar tegelijk openstaan voor de huidige technologische ontwikkelingen en hier maximaal op inspelen. Een dergelijke visie en attitude bouw je op met de jaren en aannemers moeten dit collectief en samen doen; in automatisering zullen ze immers niet het concurrentieverschil maken. Hierbij is de opdracht van Bouwunie en haar deelfederaties nog een stuk groter dan in het verleden: ze moet immers het regelgevende kader helpen aanpassen en haar aannemers mee begeleiden naar een toekomst die er gegarandeerd heel anders zal uitzien”, besluit hij.
 
AANBESTEDINGEN
Alle aanbestedingen

Meest aanbevolen artikels

Internationaal congres AquaConSoil in Antwerpen

Internationaal congres AquaConSoil in Antwerpen

De Vlaamse bodemexpertise lokt AquaConSoil, het grootste Europese congres op het vlak van duurzaam gebruik en beheer van bodem en waterbodems, naar ons land. Van 20 tot 24 mei 2019 ontvangen de stad Antwerpen, het Vlaams Kenniscentrum Water[…]

Bouwmaterialenhandel heeft aandacht voor de digitale transitie en de mobiliteit

Bouwmaterialenhandel heeft aandacht voor de digitale transitie en de mobiliteit

Nationale Bank pleit voor forsere overheidsinvesteringen

Expertiseverslag

Nationale Bank pleit voor forsere overheidsinvesteringen

UD Woonlabo Hasselt wint internationale ontwerpprijs

UD Woonlabo Hasselt wint internationale ontwerpprijs

Meer artikels