Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Algemene richtlijnen voor het bevestigen van veiligheidshaken

Algemene richtlijnen voor het bevestigen van veiligheidshaken

Bij het uitvoeren van werken op hoogte is het van cruciaal belang dat er op het dak veiligheidsvoorzieningen aanwezig zijn. Voor de veiligheid van de dakwerkers moet men van bij het ontwerp van het gebouw, of van bij het plannen van renovatiewerken, de nodige uitrustingen voorzien om het dak veilig toegankelijk te maken, ook voor het latere onderhoud. De TV 240 'Pannendaken' haalde dit onderwerp al kort aan, dit artikel gaat dieper in op de keuze en het bevestigen van zogenoemde ladder- of veiligheidshaken.

Alle veiligheids- en toegangsvoorzieningen voor daken zijn onderworpen aan de Bouwproductenverordening (BPV). Bijgevolg moeten de fabrikanten aan de hand van een CE-markering declareren dat hun producten conform zijn aan de technische voorschriften uit deze verordening. Dit geldt ook voor de veiligheidshaken, waarvoor er verschillende prestatieniveaus van toepassing kunnen zijn. De multifunctionele haken vallen onder de norm NBN EN 517. Daarmee kan een persoon via een vanglijn aan zijn veiligheidsharnas vastgemaakt worden, maar er kunnen ook ladders, sneeuwvangsystemen en bevestigingsrails voor zonnepanelen mee gefixeerd worden. Andere haken vallen onder de norm NBN EN 795 en dienen enkel om individuele veiligheidsuitrustingen (vanglijnen, harnassen ...) aan te bevestigen.

De multifunctionele haken worden in eerste instantie getest onder een statische belasting van 1 ton om te garanderen dat de blijvende vervorming aan de haakuiteinden beperkt blijft (' 5 mm). Daarnaast worden ze onderworpen aan een proef van dynamische belasting (100 kg bij een valhoogte van 2,5 m) om hun doeltreffendheid aan te tonen als de gebruiker valt.

De andere haken dienen alleen om de individuele veiligheid te garanderen en zijn dus niet ontworpen voor permanente belasting. Ook deze haken worden onderworpen aan zowel een statische (1,2 of 1,8 ton, al naargelang ze uit metaal bestaan of niet) als aan een dynamische belasting (100 kg bij een valhoogte van 2 m en controle door de belasting na de val op te drijven tot 300 kg). De blijvende vervorming mag in dit geval wel groter zijn dan voor de multifunctionele haken (' 10 mm). Beide haaktypes moeten vervangen worden van zodra ze een val verhinderd hebben. Dit geldt evenzeer voor hun verankeringen in de draagconstructie.

De normen NBN EN 517 en NBN EN 795 bevatten jammer genoeg weinig informatie over de karakteristieken van de draagconstructie waarin de haken verankerd worden (materiaal, afmetingen, bevestigingspunten ...). Ze geven wel aan dat de fabrikant de veiligheidsvoorschriften in verband met de uitvoering, de opslag en het onderhoud van zijn producten moet specificeren. De dakwerker moet deze voorschriften strikt naleven.

Deze technische documentatie en de vaststellingen uit de praktijk hebben het WTCB in staat gesteld om de hierna volgende algemene richtlijnen te formuleren.

Duurzaamheid van de elementen

De houten elementen (draagconstructie, latten, tengellatten, steunbalken) moeten minstens een verduurzamingsbehandeling van het type A2.1 ondergaan hebben. De metalen elementen (veiligheidshaken, bevestigingsrails ...) moeten op hun beurt beschermd zijn tegen corrosie (minstens een thermische verzinking met een beschermende coating van meer dan 50 'm).

Voorafgaande controle

De afmetingen en de kwaliteit van de draagconstructie moeten geverifieerd worden. Bij nieuwbouw moet het daktimmerwerk bij voorkeur tot de sterkteklasse C18 behoren (S6 in de STS 04). Bij renovatiewerken moet men het post­interventiedossier raadplegen om het type en de bevestigingswijze van de gebruikte haken te achterhalen. Er moet eveneens een controle in situ gebeuren. Zo mag het hout waarin de haken verankerd zijn, geen zichtbare gebreken vertonen zoals kwasten of harszakken. De schroeven en nagels moeten vrij zijn van corrosie. Ze mogen niet kunnen bewegen in het hout en moeten lang genoeg zijn (zie afbeelding 2). Bij twijfels over dit laatste aspect kan men de onderste schroef van één van de haken losdraaien om de lengte ervan te controleren.

Bevestiging in een brede keper

De haken moeten vastgezet worden met schroeven (minstens twee van Ø8 of vier van Ø6) of nagels (minstens drie ringnagels met Ø5 of Ø6; gladde nagels zijn uitgesloten). Schroeven bieden het voordeel dat ze gemakkelijker gecontroleerd kunnen worden bij een latere interventie.

Beide haaktypes moeten vervangen worden van zodra ze een val verhinderd hebben.

De schroeven en nagels moeten voldoende lang zijn en minstens 50 mm in de dragende keper verzonken zijn zonder hem te doorboren (zie afbeelding 2). De diameter van de schroeven en nagels moet beperkt worden om scheurvorming in het hout te vermijden. Hun tussenafstand moet conform de gebruiksvoorschriften zijn (minstens vijfmaal de diameter indien de uitlijning gebeurt in de richting van de vezels, viermaal indien dit niet zo is).

Sommige fabrikanten stellen bovendien voor om de haken te bevestigen met een doorgaande draadstang met grotere diameter (Ø12) die de keper van boven naar beneden of zijdelings doorkruist. Deze oplossing geniet om veiligheidsredenen de voorkeur van sommige dakwerkers en opdrachtgevers, maar vereist dat de haken op een bredere keper bevestigd worden. Deze systemen veroorzaken eveneens grotere perforaties in het onderdak aan de haken, wat de waterdichtheid van de constructie in het gedrang kan brengen (voornamelijk bij zijdelings bevestigde bouten). Bouten die het dakcomplex doorboren, kunnen ook leiden tot punctuele koudebruggen en moeilijkheden bij het plaatsen van het lucht- en dampscherm aan de binnenzijde.

Bevestiging in smallere elementen

De draagconstructie kan opgebouwd zijn uit smallere elementen, met een breedte van minder dan 50 mm (bv. spanten, op kant geplaatste planken of kepers van sandwichplaten). Soms komt de voorziene positie van de haak niet overeen met de uitlijning van de kepers of heeft de haak een kop die breder is dan de keper. Voor dergelijke gevallen zijn er verschillende oplossingen op de markt verkrijgbaar.

Zo raden de meeste fabrikanten aan om een dwars element (bv. een houten plank of een metalen rail, zie afbeelding 3) te gebruiken waarmee de haak om het even waar kan geplaatst worden en waarmee de belastingen over verschillende structurele elementen kunnen worden verdeeld (twee of meer kepers of spanten). Indien de voorkeur naar een houten plank gaat, moet die aan de uiteinden van het structuurelement minstens 60 mm oversteken om laterale scheurvorming ter hoogte van de haak te vermijden (zie afbeelding 3).

Gelet op de geringe breedte van de kepers of spanten waaraan de plank vastgemaakt moet worden, moet de voorkeur gaan naar nagels of schroeven met een kleinere diameter. Zo wordt aanbevolen om per structureel element gebruik te maken van bv. vijf ringnagels met Ø3,8, drie schroeven met Ø5 of twee schroeven met Ø6. Ze moeten minstens 50 mm in het structurele element ingedreven zijn.

Vermits het lastenverdelende element ingewerkt moet worden in de ruimte voor de pannenlatten, moet de dikte ervan hoe dan ook beperkt zijn. De veiligheidshaak kan bijgevolg enkel vastgezet worden met een doorgaande bout waarvan de moer zich aan de kant van het onderdak bevindt. De haak moet met andere woorden op het lastenverdelende element vastgeschroefd worden alvorens dit op de kepers verankerd wordt. Bij geprefabriceerde rails is er meestal een bevestigingssysteem aanwezig waarmee men de bout met één enkele sleutel kan positioneren en aanspannen.

Bron: het artikel 'Een goede keuze en bevestiging van de veiligheidshaken' van ir. Dominique Langendries, senior projectleider van de afdeling Energie, en ir. Benoît Michaux, adjunct-afdelingshoofd Gebouwschil en Schrijnwerk van het WTCB, in WTCB-Contact 2015/2. Het werd opgesteld met de steun van de DG06, in het kader van de Technologische Dienstverlening COM-MAT ' Matériaux et techniques de construction durables. Er mag alleen verwezen worden naar het artikel zelf, te vinden op www.wtcb.be, doorklikken op WTCB-Contact onderaan op de homepage.

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

Aannemers wegen- en waterbouw worden vergoed voor coronamaatregelen

Aannemers wegen- en waterbouw worden vergoed voor coronamaatregelen

Vlaams Minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters laat weten dat het departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW) een regeling klaar heeft voor de vergoeding van de extra kosten van aannemers in de  wegen- en[…]

29/10/2020 | Lydia Peeterswegenbouw
Voetbalstadion Club Brugge krijgt originele en innovatieve architectuur

Voetbalstadion Club Brugge krijgt originele en innovatieve architectuur

Japanse architecten bouwen academische ark

Japanse architecten bouwen academische ark

Nieuwe tarieven kilometerheffing vrachtwagens vanaf 1 januari

Nieuwe tarieven kilometerheffing vrachtwagens vanaf 1 januari