Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Algemene en ruwbouwaannemers besteden niet-winstgevende taken best uit

Algemene en ruwbouwaannemers besteden niet-winstgevende taken best uit

De evolutie in de bouwwereld richting 2020 noopt aannemers tot het aanboren van nieuwe markten, het ontwikkelen van andere vaardigheden en een andere manier van werken. De vooruitzichten ogen in 2015 iets positiever voor bouwondernemingen dan in 2014. En de oneerlijke concurrentie en de druk op de prijzen vormen vandaag de grootste bedreigingen voor de bouwsector. Dat verklaren Dirk Hellemans, voorzitter van Bouwunie Algemene en Ruwbouwaannemers, en Nadia Schepens, secretaris van de nationale werking. Dirk Hellemans, die zich dit jaar opnieuw kandidaat stelt bij de vijfjaarlijkse algemene verkiezingen van de Bouwunie-besturen, vraagt de beleidsmakers om geen al te grote schokken te veroorzaken en geen premiestelsels of ondersteuningsmaatregelen plots af te schaffen of te veranderen.

Uit de antwoorden op de uitgebreide vragenlijst waaraan Bouwunie begin dit jaar 246 Vlaamse algemene en ruwbouwaannemers onderwierp, blijkt dat 53% van de bevraagde bouwbedrijven op een andere manier werkt dan vijf jaar terug. 56% past andere technieken toe en 30% meent ook de volgende jaren met fundamenteel andere materialen en technieken te (moeten) werken. De belangrijkste verschuivingen deden zich de jongste vijf jaar voor inzake luchtdichtheid, isolatietechnieken, hernieuwbare energietechnieken en het verlijmen van gevelstenen. De jongste jaren werd ook ergonomischer en efficiënter gewerkt.

'Bouwbedrijven ervaren dat ze er niet meer geraken door alleen snelbouwstenen op elkaar te plaatsen. Ze moeten zich afvragen hoe ze zich kunnen onderscheiden met rendabele prijzen. Aannemers zijn ook voldoende energiebewust en willen correct isolatie aanbrengen, maar ze moeten ook kijken of hun personeel hiervoor voldoende is opgeleid en daarvan voldoende is doordrongen', signaleert Dirk Hellemans.

Hij beschouwt bouwbedrijven als doorgevers van praktische kennis en vaak ook als stimulerende krachten. 'Het gros van de architecten weet erg goed naar welke isolatiewaarden we moeten evolueren. Maar hoe we moeten omgaan met lintelen, slabben en afstandshouders heeft implicaties voor bouwbedrijven, die zich hierin kunnen onderscheiden. Het Bouwunie-label 'EnergieBewuste Aannemer' kan hen hierbij op weg zetten', oppert de voorzitter van Bouwunie Algemene en Ruwbouwaannemers.

'Ook bouwplaatsleiders wordt gevraagd om deze opleiding te volgen. Bouwbedrijven moet dit leertraject doorlopen, waardoor ze zich kunnen onderscheiden van buitenlandse bouwondernemingen', merkt Nadia Schepens op.

Dirk Hellemans beseft dat een aannemer die 500 m² metselwerk moet zetten een heel groot repetitiviteit moet ten toon spreiden. 'Als het alleen maar met massa's meters draaien is, kunnen wij onze loonkost heel moeilijk verantwoorden. We zullen met ons personeel specifieker moeten werken of we halen het niet, zeker niet voor overheidsopdrachten waarbij de prijs het enige criterium vormt', oppert hij.

De voorzitter van Bouwunie Algemene en Ruwbouwaannemers verwacht ook niet veel heil van de evolutie naar prefab. 'Vandaag kiest men voor prefab omdat dit stabiliteitstechnisch een noodzaak is of om de loonkost te drukken. Prefab produceren en op de bouwplaats monteren, is veel te duur. Snelbouwmuren die voorgebouwd worden in een atelier vergen een hoge verplaatsingskost en een veel duurdere bouwplaatsinstallatie. Voor vele appartementen en ziekenhuizen is dat anders, maar daar concurreert men weer tegen buitenlandse ondernemers waar vaklui in snelbouw veel goedkoper zijn dan wij. Een torengebouw van twintig verdiepingen is ook een totaal andere problematiek dan een eengezinswoning. Ik vrees dan ook dat we die markt verliezen zolang we kampen met een loonhandicap van 5 tot 6 ' per uur. Dat vertaalt zich in de teloorgang van 8.000 jobs. Het volumewerk wordt voor ons steeds kleiner. Intussen verliezen we ook al de markt van eengezinswoningen met snelbouwstenen', betreurt Dirk Hellemans.

54% van de respondenten op de enquête meent dat de huidige evoluties niet alleen een invloed hebben op de manier waarop in een bedrijf gewerkt wordt, maar ook op de interne bedrijfsorganisatie (meer of minder personeel, met misschien andere competenties). Ook de volgende jaren doen trouwens nieuwe technieken, materialen en werkmethodes hun intrede. Op korte termijn, tussen vandaag en 2017, denkt 28% van de aannemers zich hieraan te zullen aanpassen. 19% ziet een verandering in hun markten en 17% in de soort activiteiten. Op langere termijn, tegen 2025, gaat het om 41% van de bouwbedrijven waarbij 39% zich andere activiteiten ziet uitoefenen en 21% (ook) andere markten zal aanboren. Velen denken meer totaalprojecten te zullen uitvoeren en nog energiezuiniger en duurzamer te gaan bouwen en verbouwen. Ze verwachten ook een grotere vraag naar appartementen.

De orderboekjes zijn langer gevuld dan begin vorig jaar.

Velen menen dat projectcoördinatie, advies en projectbegeleiding belangrijker zullen worden in hun bouwbedrijf. Ze verwachten ook een verschuiving naar meer renovatie en specialisatie, eventueel zelfs met het supplementair aanbieden van onderhoudsdiensten. Op langere termijn blijft het belangrijk om in te spelen op innovatieve ontwikkelingen, materialen en systemen en mee te veranderen met de vraag van de klant. 47% verwacht tevens een toenemende interesse van de markt voor nieuwe en/of aanpasbare woonvormen zoals co-housing en kangoeroewonen, terwijl 28% geen verandering verwacht.

Betere vooruitzichten

73% van de aannemers heeft vandaag voldoende werk en 22% te weinig (vorig jaar 18%). De orderboekjes zijn langer gevuld dan begin vorig jaar. 23% heeft nog voor minder dan drie maanden werk (vorig jaar één op de drie) en 40% voor meer dan een half jaar, van wie 12% tussen negen maanden en een jaar. 9% zit nog goed voor meer dan een jaar (vorig jaar 7%). Hoe groter een bouwbedrijf, hoe verder in de tijd zijn orderboekje loopt. Zo heeft meer dan de helft van de bedrijven met tien of meer medewerkers nog voor meer dan een half jaar werk.

De verwachtingen van aannemers voor de nieuwbouw van eengezinswoningen zijn in 2015 net als in 2014 niet erg hoog gespannen. 48% verwacht een daling van het werkvolume en weinig respondenten zien een stijging.

Voor de renovatie van eengezinswoningen daarentegen verwacht 48% een toename. Ook voor renovatiewerken aan appartementsgebouwen verwacht 43% eerder een stijging en 46% een status-quo van het aantal opdrachten. Deze cijfers zijn beter dan vorig jaar.

De bedrijfsinvesteringen hernemen wel, maar ook in 2015 zullen niet veel nieuwe gebouwen opgetrokken worden. 39% van de aannemers verwacht een daling van het werkvolume en slechts 7% een toename, wat even slecht is als vorig jaar. Ook hier ogen de vooruitzichten voor de renovatie beter: 46% verwacht meer opdrachten tegenover 35% vorig jaar.

Bij de overheidsinvesteringen vormt de sociale woningbouw een positief buitenbeentje. Bouwbedrijven in dit marktsegment verwachten hier eerder een stijging dan een daling. Voor de scholenbouw en investeringen in de gezondheidsinfrastructuur verwacht een kleine minderheid een stijging. In de andere segmenten verwachten veel meer aannemers minder opdrachten. Er zijn ook geen aannemers die meer gemeentelijke opdrachten zien, integendeel. Gemeenten denken eerder aan besparingen dan aan investeringen.

Slechts 6% van de bouwbedrijven wil het komende halfjaar nog personeel ontslaan.

”7% van de respondenten is optimistisch en 48% pessimistisch over de nieuwbouw van woningen. Voor de nieuwbouw van appartementen bedragen deze aandelen respectievelijk 18% en 41%, voor de renovatie van woningen 48% en 8%, voor de renovatie van appartementen (waar een groot patrimonium klaar is voor grote renovaties, maar waar zich het probleem van mede-eigendom stelt) 43% en 11%, voor de (volledig platliggende) nieuwbouw van gebouwen 7% en 39% en voor de renovatie van gebouwen 46% en 12%. 31% is optimistisch en 23% pessimistisch over de sociale woningbouw. Voor scholen zijn deze cijfers respectievelijk 20% en 31%, voor de gezondheidszorg 22% en 31%, voor sportinfrastructuur 4% en 57%, voor de Regie der Gebouwen 3% en 59%, voor Defensie 4% en 78% en voor lokale overheden (waarvoor lokale aannemers onder bepaalde drempelbedragen kunnen meedoen) 1% en 64%.

'De bouw van appartementen leidt tot nieuwe systemen, zoals gevelsystemen met plaatafwerking waarbij dikke isolatiepakketten kunnen toegepast worden die met een lichte voorzetstructuur worden afgewerkt. Ook arduin wordt tegen metalen structuren gelijmd', werpen Nadia Schepens en Dirk Hellemans op.

Bedreigingen

De lijst met belangrijkste bedreigingen wordt aangevoerd door de oneerlijke concurrentie (74%) en de prijzendruk (73%). 'We vragen ieder jaar in elke sectorstudie naar de grootste bedreigingen voor de sector. Zo kunnen we onszelf als bouwonderneming in vraag stellen en zien hoe we ze moeten structureren. Vandaag merken we dat ons personeel te duur is en dat vanuit politieke hoek hiertegen niets wordt ondernomen. De oplossing is dat we onze prijzen laten zakken tot een desastreus niveau of dat we samenwerken met legaal tewerkgestelde buitenlandse bouwondernemingen en de taken die we kunnen uitbesteden uitgeven aan goedkopere bedrijven, terwijl we oog blijven hebben voor de organisatie en de kwaliteitsopvolging. Ons sociaal passief is sterk gestegen omdat onze opzegvergoedingen maand na maand stijgen. Zo zien we onze bedrijven failliet gaan', meldt Dirk Hellemans.

Hij merkt op dat kmo's zich sterk hechten aan hun eigen vakmensen, maar ze worden ontmoedigd door de hoge loonkosten en zware opzegtermijnen en zoeken een alternatief om nog te kunnen renderen en tegen 80.000 legale buitenlanders op te kunnen. 'If you can't beat them, join hem', suggereert de voorzitter van Bouwunie Algemene en Ruwbouwaannemers, die wel beseft dat in een volgende fase ook steeds meer buitenlandse hoofdaannemers onze markt zullen inpalmen.

'In het kader van de tax shift is het doen dalen van het uurloon met 5 ' en het doen stijgen van de btw met 2% nog altijd een pak goedkoper voor de bouwer. Hoe lang moeten we echter wachten' Onze ondernemingen willen nu inzetten op projectcoördinatie, advies in projectbegeleiding, renovatie- en gespecialiseerde projecten en het bijkomend aanbieden van onderhoudsdiensten; dat is echter toch een ander marktsegment. Onze bouwbedrijven met eigen personeel worden intussen steeds meer in de hoek gedrumd; het enige wat ze doen, is immers werkuren verkopen en die zijn te duur. De bouw telt overigens al 8.000 mensen minder en we voorspellen voor dit jaar nog een daling met 6.000 werknemers. We kunnen in die hoek blijven staan of we kunnen ons gespecialiseerd personeel behouden en een deel van onze omzet uitgeven. Om onze vrachtwagens en kranen betaalbaar te houden, moeten we immers ook op onderaanneming afschrijven', waarschuwt Dirk Hellemans.

Tijdens het jongste halfjaar heeft 69% van de aannemers één of meer medewerkers aangeworven en heeft 50% werknemers (moeten) ontslaan. 33% heeft dit moeten doen wegens te weinig werk, maar de meesten omdat de betrokkene niet voldeed, met pensioen ging, overstapte naar een ander bedrijf of een eigen zaak startte. Slechts 6% van de bouwbedrijven wil het komende halfjaar nog personeel ontslaan (bij 45% van hen omdat er te weinig werk is, bij 36% omdat de werknemer niet voldoet), terwijl 24% nieuwe werknemers wil aannemen.

Goede vaklui blijven schaars, maar hun tekort scoort door de daling van het werkvolume en meer onderaanneming (waarbij wordt gekeken naar de kostenstructuur) steeds minder hoog op de lijst met knelpunten voor de toekomst van de sector (24% van de werkgevers beschouwt dit als een ernstige bedreiging voor de sector de volgende jaren, tegenover 32% in 2014 en 45% in 2013; hierdoor kent deze bedreiging de grootste terugval). Deze lijst wordt sinds vorig jaar ook niet meer aangevoerd door de administratieve rompslomp, al vindt 42% van de aannemers dit samen met de regeldrift van de overheid (36%) nog steeds een belangrijke bedreiging.

Aannemers zijn ook niet te spreken over bruuske veranderingen in het premiestelsel of andere ondersteuningsmaatregelen voor de bouw of renovatie. 65% geeft aan dat het afschaffen of veranderen van bv. de renovatiepremie of de woonbonus zich duidelijk en onmiddellijk laten voelen op de markt, die op een zeer zenuwachtige en ongunstige manier reageert voor aannemers. 39% van hen heeft ondervonden dat klanten hierdoor hun geplande werkzaamheden uitstellen. Bij 38% vroegen de klanten om de werkzaamheden sneller dan voorzien te laten uitvoeren om nog van de oude voorwaarden te kunnen genieten, wat ook niet in het voordeel is van de werkorganisatie. Bij 23% hebben klanten zelfs werkzaamheden afgemeld.

'Iedereen is gebaat bij een duidelijk beleid. Daarom mogen beleidsmaatregelen niet bruusk gebeuren en moeten ze vooraf worden aangekondigd, bv. voor de zonnepanelensector. Paniekvoetbal van de overheid leidt immers tot het verlijden van aktes vóór het einde van het jaar, gepaard gaande met een piek in aanvragen en het voornemen van bouwers om sneller in hun huis te gaan wonen', meldt Dirk Hellemans. 'We vragen ook overgangsmaatregelen. Aannemers kunnen zich immers niet veroorloven dat ze ineens 5.000 of 10.000 ' minder kunnen aanrekenen', vult Nadia Schepens aan.

Daarnaast zijn bouwbedrijven gelukkig overtuigd van het belang van opleiding. 72% van de bevraagde aannemers beweren dat zijzelf en/of hun medewerkers regelmatig vormingen volgen. Bij 73% gaat het om opleidingen in nieuwe technieken. Zo blijft 45% op de hoogte van nieuwe wet- en regelgeving, zoals epb en check­in@work. 24% volgt management- of bedrijfsbeheercursussen, 23% spijkert zichzelf of zijn personeel bij in ict en administratie. Ook ehbo, veiligheid en steigerbouw komen vaak aan bod. 68% maakt gebruik van het systeem van winteropleidingen. ' JL

OVERHEIDSOPDRACHTEN
Alle overheidsopdrachten

Meest aanbevolen artikels

Hasselt biedt 3.000 gezinnen complete renovatiehulp op maat

Hasselt biedt 3.000 gezinnen complete renovatiehulp op maat

De stad Hasselt gaat meer dan 3.000 gezinnen persoonlijk begeleiden in het verduurzamen van hun woning. De campagne startmetrenoveren.be omvat een complete aanpak op maat, van analyse tot werken, op een schaalgrootte die nog niet eerder werd[…]

Consortium gekozen voor bouw nieuw VRT-hoofdkwartier

Consortium gekozen voor bouw nieuw VRT-hoofdkwartier

Aquafin bouwt duurzame campus in Aarstelaar

Aquafin bouwt duurzame campus in Aarstelaar

West-Vlaanderen plant aanleg vijf fietspaden

West-Vlaanderen plant aanleg vijf fietspaden