Volg Bouwkroniek

Abonneer u
Aanmelden

Volg Bouwkroniek Bouwkroniek

Aantal leegstaande bedrijfsruimtes stijgt in Vlaanderen

Gerelateerde onderwerpen :

Aantal leegstaande bedrijfsruimtes stijgt in Vlaanderen

© animaflora - stock.adobe.com

De opvolging van leegstand bij woningen en gebouwen en het beheer van de bijbehorende facultatieve heffing behoren in Vlaanderen sinds januari 2010 volledig tot de bevoegdheid van de steden en gemeenten.

Vlaams minister van Omgeving Joke Schauvliege (CD&V) kreeg van kamerlid Mercedes Van Volcem (Open Vld) vragen over het aantal leegstaande woningen en bedrijfsgebouwen in de centrumsteden en in de provincies. Van Volcem wilde ook weten of sommige gemeenten kampen met problematische of langdurige leegstand en hoe die kan worden tegengegaan.

De Vlaamse steden en gemeenten zijn verplicht om jaarlijks hun leegstandsregister te actualiseren in de RWO Data Manager, een webtoepassing die wordt beheerd door het Agentschap Wonen-Vlaanderen. In deze toepassing wordt bij het registreren van gebouwen geen onderscheid gemaakt volgens het type gebouw. De heffing op leegstand en/of verwaarlozing van bedrijfsruimten valt onder de toepassing van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013 en geldt voor alle gemeenten.

 

In 2014 stonden in West-Vlaanderen liefst 5.266 panden (woningen en gebouwen) leeg of 44 panden per 10.000 inwoners. In Antwerpen en Vlaams-Brabant zijn dat slechts 22 panden per 10.000 inwoners. Als we de centrumsteden bekijken, is Roeselare absolute koploper met liefst 96 leegstaande panden per 10.000 inwoners. Ook Sint-Niklaas (72) en Aalst (61) noteren zeer hoge verhoudingen. In Brugge (6,4) is de leegstand dan weer uiterst laag.

Ook een vergelijking aangaande de bedrijfsgebouwen is interessant. In dat opzicht scheren Turnhout en Sint-Niklaas hoge toppen. Op 10.000 inwoners stonden respectievelijk 8,8 en 7,3 bedrijfsgebouwen leeg. Brugge scoort hier opnieuw laag: 2,8. Oostende kent relatief weinig leegstand. Per 10.000 inwoners staan ongeveer 11,2 gebouwen leeg, waarvan 2,6 bedrijfsgebouwen. Kortrijk is de middenmotor bij de centrumsteden en telt al 37,4 leegstaande gebouwen op 10.000 inwoners, waarvan 6,8 bedrijfsgebouwen.

De oorzaken variëren: de economische voorspoed in een bepaalde regio, de graad van bebouwing, het specifieke beleid per stad of gemeente en de mate waarin men overgaat tot inventarisatie kunnen meespelen. Leegstand aanpakken mogen we volgens kamerlid Van Volcem nooit ontkoppelen van de economische realiteit. De komende jaren zullen zowel de Vlaamse regering als de steden en gemeenten de denkoefening moeten maken hoe we leegstand het best verder terugdringen.

Volgens minister Schauvliege is er geen informatie over problematische (langdurige en geconcentreerde) leegstand van bedrijfsruimtes. Gemiddeld staat 30% van de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimtes slechts één jaar op de Inventaris, 27% twee jaar, 16% drie jaar en 10% vier jaar. Bedrijfsruimtes die geschrapt werden uit de Inventaris stonden gemiddeld 2,83 jaar op deze Inventaris.

In het eindrapport van de evaluatie van de effectiviteit van het beleidsinstrumentarium inzake leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten geldt als algemene conclusie:

Onderzoek toont aan dat het leegstandsinstrumentarium de vernieuwing en reactivering van geregistreerde bedrijfsruimten versnelt. De heffing zet als ‘negatieve’ incentive zowel bestaande als nieuwe eigenaars van leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten aan tot het ondernemen van stappen. De subsidies fungeren als ‘positieve’ incentive.

De duurtijd van de leegstand en/of verwaarlozing van een bedrijfsruimte wordt beïnvloed door verschillende pandgebonden en actorgebonden factoren. Inzake ‘pandgebonden’ factoren wijst het onderzoek op verwaarlozing als een factor die de herinvulling van de bedrijfsruimten negatief beïnvloedt.

De verklaringen hiervoor zijn de hogere investeringskosten die verbonden zijn aan de vernieuwing van een verwaarloosde bedrijfsruimte, evenals de vaststelling dat verwaarlozing sterker optreedt naarmate bedrijfsruimten langer op de inventaris staan. Het onderzoek bracht aanvullend verschillende andere pandgebonden factoren aan het licht. Deze factoren hebben zowel betrekking op de ruimtelijke en planologische context waarbinnen de bedrijfsruimte gelegen is als op de specifieke (bouwtechnische) kenmerken van het pand.

Inzake ‘actorgebonden’ factoren wijst het onderzoek uit dat bedrijfsruimten met particuliere eigenaars sneller van de Inventaris verdwijnen dan bedrijfsruimten in eigendom van bedrijven. Mogelijke verklaringen hiervoor zijn de beperktere financiële reserves van particuliere eigenaars waardoor zij vatbaarder zijn voor de heffingen, en het feit dat het in de eerste plaats bedrijven zijn die leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten kopen en een langdurig vernieuwingsproject opzetten.

Het onderzoek bracht aanvullend nog verschillende andere actorgebonden factoren aan het licht. Die hebben onder meer betrekking op de complexiteit van de eigendomssituatie, de financiële middelen van de eigenaars en de speculatie van de eigenaars op hogere verkoop- en huurprijzen.

 

AANBESTEDINGEN
Alle aanbestedingen

Meest aanbevolen artikels

Bedrijfssite Torck wordt nieuwe woonwijk in Deinze

Bedrijfssite Torck wordt nieuwe woonwijk in Deinze

Aannemer Aertssen uit Stabroek is zopas begonnen met de ontmanteling en sloop van de gebouwen van de voormalige speelgoedfabrikant Torck in Deinze. De sloop zal tegen het einde van het jaar afgerond zijn. Dan volgt de sanering van het terrein.[…]

Volkshaard voltooit project in Sint-Amandsberg

Volkshaard voltooit project in Sint-Amandsberg

Europese subsidies voor betere huisvesting kwetsbare gezinnen

Europese subsidies voor betere huisvesting kwetsbare gezinnen

Innovatie in de bouw- en vastgoedsector zal voor grondige veranderingen zorgen

Innovatie in de bouw- en vastgoedsector zal voor grondige veranderingen zorgen

Meer artikels